In 2012 is de landelijke Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) vastgesteld. Dit is een structuurvisie van de Rijksoverheid die ingaat op het toekomstige beleid en ambities op het gebied van wegen, spoor, scheepvaart, ecologische hoofdstructuur en andere ruimtelijke zaken. De SVIR heeft een horizon tot het jaar 2040 en vervangt onder andere de Nota Mobiliteit uit 2004. In de visie wordt het doel van het Rijk beschreven, namelijk om Nederland concurrerend, bereikbaar, leefbaar en veilig te houden. De belangrijkste uitgangspunten uit de Structuurvisie zijn:
Stroomlijning van bestuurlijke processen en regelgeving ter voorkoming van een sectorale blik. Ruimtelijke ordening komt meer in handen van gemeentes. Meer verantwoordelijkheid voor gemeentes dus en ook meer bevoegdheden. Samenwerken met omliggende gemeentes wordt dus ook belangrijker.
Het mobiliteitssysteem moet robuust en samenhangend worden, meer keuzemogelijkheden bieden en voldoende capaciteit hebben om de groei van de mobiliteit op de middellange (2028) en lange termijn (2040) op te vangen.
Om een leefbare omgeving te waarborgen, om te gaan met de afname van fossiele brandstoffen en CO2-reductie te bereiken is een verdere transitie naar duurzame mobiliteit nodig.
Naast de op veel plaatsen noodzakelijke investeringen in het mobiliteitssysteem ziet het Rijk goede mogelijkheden om de capaciteit van het bestaande hoofdnet met innovatieve maatregelen te vergroten en op die manier tot betrouwbare reistijden te komen op de wegen, vaarwegen en spoorwegen.
Als nationale doelstelling voor de verkeersveiligheid is vastgesteld dat in 2020 maximaal 500 doden en 10.600 ernstig gewonden mogen vallen, zodat we een plaats hebben in de top 4 van veiligste landen in de Europese Unie.
Deze doelstelling wordt helaas niet gehaald. Daarom is recent het Strategisch Plan Verkeersveiligheid (SPV) 2030 “Veilig van deur tot deur” opgesteld. In dit plan wordt een nieuwe aanpak geschreven om tot een verbetering van de verkeersveiligheid te komen. Strekking hiervan is dat alleen door nauwe samenwerking tussen de overheden, maatschappelijke partijen en verkeersdeelnemers, de verkeersveiligheid kan verbeteren. Iedere partij vanuit zijn eigen verantwoordelijkheid en kennis. Vanuit een proactieve aanpak (op basis van een risicoanalyse) en niet zo zeer op basis van de ongevallen van de afgelopen jaren.
De Provincie Limburg heeft in het najaar 2019 het SPV op de agenda gezet en samen met de regio en de gemeenten de thema’s van het uitvoeringsprogramma opgesteld.
Daarnaast geldt in Nederland de Planwet verkeer en vervoer. Deze wet vormt de juridische basis voor het opstellen van een Gemeentelijk Verkeer- en Vervoerplan. Deze wet verplicht gemeenten tot het zichtbaar voeren van een samenhangend en uitvoeringsgericht verkeers- en vervoersbeleid, dat richting geeft aan de door de raad en het college te nemen beslissingen inzake verkeer en vervoer. Hierbij moet worden aangesloten op de essentiële onderdelen van het nationale verkeers- en vervoerplan (De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte) en het provinciale verkeers- en vervoersplan (PVVP). Daarnaast dient het plan te beschikken over een afstemming met andere beleidsterreinen, zoals ruimtelijke ordening, economie en milieu
Hoofdstuk 5
Artikel 5.2
Rijksbeleid
Onderdeel van Gemeentelijk Beleidsplan Verkeer en Vervoer Eijsden-Margraten