Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 4

Afzien van terugvordering of kwijtschelding van verdere terugvordering na het voldoen aan de betalingsverplichting bij niet-fraudevorderingen

Onderdeel van Beleidsregels Terug- en invordering Participatiewet, IOAW en IOAZ gemeente Land van Cuijk 2022

1.. In afwijking van artikel 2, sub b kan het college besluiten geheel of gedeeltelijk af te zien van terugvordering of van verdere terugvordering van uitkering indien de belanghebbende: gedurende tien jaar volledig aan zijn betalingsverplichtingen heeft voldaan en ten minste 50% van de hoofdsom van de vordering heeft voldaan; of gedurende tien jaar niet volledig aan zijn betalingsverplichtingen heeft voldaan en ten minste 50% van de hoofdsom van de vordering heeft voldaan; of gedurende tien jaar geen betalingen heeft verricht en niet aannemelijk is dat hij deze op enig moment zal gaan verrichten; of een bedrag, overeenkomend met ten minste 50% van de restsom, in één keer aflost, mits hij volledig aan zijn betalingsverplichtingen heeft voldaan en reeds tenminste 50 % van de oorspronkelijke vordering heeft voldaan; of op grond van dringende redenen niet langer gehouden kan worden aan zijn betalingsverplichtingen. 2.. In beginsel wordt een besluit als bedoeld in het eerste lid, met uitzondering van onderdeel c. slechts genomen als de belanghebbende daarom schriftelijk heeft verzocht. 3.. Het eerste lid is niet van toepassing ten aanzien van vorderingen die: het gevolg zijn van tekortschietend besef van verantwoordelijkheid; door pand of hypotheek op een goed of goederen zijn gedekt, behoudens voor zover zij niet op die goederen verhaald kunnen worden. 4.. Het op basis van het eerste lid genomen besluit tot (gedeeltelijk) afzien van terugvordering wordt ingetrokken, indien op een later tijdstip blijkt dat belanghebbende onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een ander besluit zou hebben geleid.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel