Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK VIII

Artikel 8.15

Intrekken van de omgevingsvergunning

Onderdeel van Verordening fysieke leefomgeving gemeente Maashorst

De omgevingsvergunning, bedoeld in artikel 14, eerste lid, kan door burgemeester en wethouders worden ingetrokken: als de verlening berust op onjuiste of onvolledige gegevens en de juiste of volledige gegevens tot een ander besluit zouden hebben geleid; als de vergunninghouder de voorschriften en beperkingen verbonden aan een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 8.14, vierde lid, niet naleeft; de omstandigheden aan de kant van de vergunninghouder zich zodanig hebben gewijzigd, dat het belang van het gemeentelijk monument zwaarder dient te wegen; voor zover veranderde omstandigheden of feiten met betrekking tot de activiteit waarvoor de omgevingsvergunning is verleend, zich in overwegende mate tegen voortzetting of ongewijzigde voortzetting van die activiteit verzetten; als niet binnen 52 weken van de vergunning gebruik is gemaakt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel