In deze regeling wordt verstaan onder:
a. College: het college van burgemeester en wethouders zoals bedoeld in artikel 5, onderdeel c van de Gemeentewet.
b. Griffie: de ambtelijke organisatie-eenheid voor de ondersteuning van de gemeenteraad, zoals bedoeld in de Wet Dualisering Gemeentebestuur.
c. Gemeentesecretaris: de functionaris als bedoeld in artikel 100 Gemeentewet.
d. Algemeen directeur: het hoofd van de ambtelijke organisatie, welke samen met de directeuren het directieteam vormt en daarnaast de taken vervult zoals ondermeer opgenomen in artikel 11 van deze regeling.
e. Directeur: de functionaris die benoemd is door de algemeen directeur, een verantwoordingsplicht heeft aan de gemeentesecretaris/algemeen directeur en belast is met de aansturing van de afdelingsmanagers in het toegewezen directie
f. Directieteam: bestaat uit de gemeentesecretaris/algemeen directeur en 3 directeuren. Onder eindverantwoordelijkheid van de algemeen directeur, geeft het DT sturing aan de ontwikkelingen en implementatie van de gemeentelijke strategie en het stellen van prioriteiten op strategisch niveau. Het DT richt zich verder op het realiseren van gemeentelijke ambities en de door ontwikkeling en het beheer van de organisatie en de bedrijfsvoering.
g. Managementteam: bestaat uit de directeur van het aandachtsgebied en de afdelingsmanagers van dit aandachtsgebied.
h. Afdelingsmanager: de leidinggevende van een afdeling die vanuit de werkgeversrol verantwoordelijk is voor het resultaat en de inzet van personele middelen en die een verantwoordingsplicht heeft aan de directeur van de betreffende directie.
i. Concernstaf: deze stafeenheid bestaat uit functies die op grond van dit besluit een eigen verantwoordingsplicht hebben aan de gemeentesecretaris/algemeen directeur.
j. Control & Audits: deze stafeenheid vervult de interne auditfunctie conform het controlstatuut; voorziet de hoogste leiding van aanvullende zekerheid over de kwaliteit van sturing en beheersing.
k. Directie: de door het directieteam aan een directeur toebedeelde taakvelden.
l. Afdeling: elk door de algemeen directeur aangewezen organisatieonderdeel dat op grond van dit besluit een eigen verantwoordingsplicht heeft aan een directeur.
m. Controlstatuut: regelt positie, bevoegdheden, taken en verantwoordelijkheden van de concerncontroller c.a..
n. Budgethouder: aan wie het (onder)volmacht is toegekend volgens de budgethoudersregeling om bestedingen te verrichten ten laste van de aan hem of haar toegewezen budgetten en die als zodanig verantwoordelijk is voor de beheersing van het budget.