1. De directeur draagt binnen de door de algemeen directeur gegeven kaders en directie de zorg en verantwoordelijkheid voor:

a. het zorg dragen dat de ontwikkeling van de medewerkers en de organisatie aansluit bij de bestuurlijke opgaven en het werk wordt gedaan dat hiervoor benodigd is;

b. het management, de coördinatie, de kwaliteitsbewaking en integratie van taken en werkzaamheden binnen de organisatie;

c. de inzet en het beheer van middelen (personeel, informatie, automatisering en financiën) op organisatieniveau;

d. het op organisatieniveau leveren van bijdragen voor alle documenten in de planning & control cyclus;

e. het leveren van tijdige, juiste en volledige informatie over de bedrijfsvoering van de organisatie;

f. de implementatie van de uitvoeringsagenda organisatieontwikkeling en het jaarplan van de organisatie;

g. het toezicht op de kwaliteit en integraliteit van producten en diensten van de organisatie;

h. de budgetbewaking die afdelingsoverstijgend is en niet aan afdelingsmanagers kan worden gemandateerd;

i. het leidinggeven aan de afdelingsmanagers binnen de eigen directie, waaronder begrepen het voeren van het goede gesprek (HGG) en beoordelingsgesprekken;

j. het uitvoering geven aan het personeels- en organisatiebeleid binnen het managementteam;

k. een juiste, actuele en volledige communicatie binnen de werkorganisatie.

2. De directeur is lid van het directieteam en uit dien hoofde verantwoordelijk voor een integrale beleidsontwikkeling, -advisering, -voorbereiding en -realisatie binnen de door de bestuursorganen en gemeentesecretaris/algemeen directeur vastgestelde kaders.

3. De directeur ziet erop toe dat de producten en diensten van de afdelingen passen binnen de door de bestuursorganen vastgestelde kaders en voldoen aan alle ter zake geldende wet- en regelgeving. Dit geldt tevens voor de uitvoering van genomen besluiten.