Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 8 › Paragraaf 8.3

Artikel 8.3.2

Duurzame en passende huisvesting voor bijzondere doelgroepen

Onderdeel van Wonen in Gouda 2030 Aangenaam stedelijk wonen voor iedereen, met oog voor zorg

De doelstelling om op duurzame en passende wijze huisvesting voor bijzondere doelgroepen te bieden, bestaat uit 2 hoofdlijnen: preventie en huisvesting en inpassing in de wijk. Inzet op preventie Beschermd Wonen is zorg en begeleiding voor mensen die niet zelfstandig kunnen wonen vanwege psychische en/of psychosociale problematiek en waarbij behandeling niet op de voorgrond staat. In principe is dit een tijdelijke woonzorgvorm, met als doel weer zelfstandig te gaan wonen. Sinds enkele jaren wordt gestreefd naar een zo kort mogelijk verblijf in Beschermd Wonen. Om de verblijfsduur te minimaliseren zijn de afgelopen jaren in Gouda en de regio zogenoemde beschutte woonvormen opgezet, waarin een aantal bewoners met vergelijkbare behoefte aan ondersteuning bij elkaar woont. Daarbij hoort een gemeenschappelijke ruimte aanwezig die ruimte biedt om onder begeleiding gezamenlijke activiteiten te doen. Met beschut wonen wordt een tussenstap geboden op weg naar zelfstandig wonen. Er is wel begeleiding, maar geen 24-uurstoezicht meer. Ook Gewoon Thuis levert een bijdrage aan de afbouw van het aantal plekken Beschermd Wonen en het voorkomen van instroom. Het concept bestaat uit zelfstandig (in een reguliere woning) wonen en daar ambulante begeleiding ontvangen, zo vaak als nodig is en op het moment dat het nodig is (ook buiten kantooruren). Cliënten kunnen geplande en ongeplande begeleiding krijgen op allerlei gebieden. Op deze manier kunnen ze (weer) zelfstandig gaan wonen of blijven wonen, en wordt ook de instroom in de beschermde woonvormen beperkt. Soms komt het voor dat mensen dak- of thuisloos worden. Zij maken dan tijdelijk gebruik van maatschappelijke opvang of andere vormen van tijdelijk verblijf. Dit is te allen tijde een ongewenste situatie. Aan de voorkant wordt daarom nog meer ingezet op het vroeg signaleren van schulden om huisuitzettingen te voorkomen. Dit geldt specifiek ook voor kwetsbare groepen die uitstromen vanuit een instelling, zoals jeugdzorg of een GGZ-instelling. Reden om extra woonplekken te realiseren waar (ambulante) begeleiding kan worden geleverd. Met een dak boven hun hoofd kunnen mensen hun situatie weer op orde brengen. Helaas valt niet alles te voorkomen, waardoor mensen in de maatschappelijke opvang blijven terecht komen. Dat is een tijdelijke voorziening, van waaruit mensen door zullen moeten stromen naar een passende woning. Het is de bedoeling dat mensen niet langer dan 3 maanden in de opvang verblijven. In het Actieplan ter voorkoming van dakloosheid is opgenomen dat de regiogemeenten in Midden-Holland en de domeinen zorg en ruimte/wonen dit vraagstuk oppakken. Ook hierbij wordt nadrukkelijk de samenwerking met woningcorporaties en zorgaanbieders gezocht. Aandacht voor huisvesting en inpassing in de wijk De druk op de woningmarkt is overal voelbaar. Dat geldt in het bijzonder voor de kwetsbare doelgroepen. Zij zijn vaak aangewezen op goedkope woonruimte, die maar beperkt vrijkomt. Als die woonruimte vrijkomt, is dat vaak in complexen waar meer mensen in een kwetsbare situatie wonen. In ‘Veerkracht in het corporatiebezit (2020)’ wordt gewaarschuwd voor de druk op de leefbaarheid in het corporatiebezit, specifiek in de buurten met meer kwetsbare inwoners. Met de inzet op gemengde wijken, waarbij alle lagen van de bevolking naast elkaar wonen, zet Gouda erop in om een balans aan te houden van zorgvragers en zorgdragers. Het uitgangspunt is een zekere mate van spreiding over de stad van de geclusterde woningen, waarbij rekening wordt gehouden met de draagkracht van buurten en wijken. Met de woningcorporaties en zorgaanbieders werken we continue aan een passend woningaanbod voor deze groepen. Vaak komen mensen die in een kwetsbare situatie terecht zijn gekomen, daar na meerdere tegenslagen of een ongelukkige samenloop van omstandigheden. De stap naar zelfstandig wonen is dan een belangrijke, maar soms ook grote stap terug naar het ‘gewone’ leven. Het is dan ook belangrijk dat zij begeleid worden in hun eerste (hernieuwde) stappen in zelfstandig wonen. Met een zorgdakconstructie wordt een zachte landing in de wijk mogelijk gemaakt. In de praktijk blijkt dit goed te werken, mits de samenwerking tussen de huurder, verhuurder en zorgaanbieder goed verloopt. Zeker ten tijde van de begeleiding zijn de resultaten positief. Voor de langere termijn dienen alle partijen de handen ineen te slaan om ook een ‘waakvlamfunctie’ op te zetten, zodat een latere terugval niet tot een nieuwe ongewenste situatie leidt. De woningcorporaties geven vanuit hun signalerende rol weer dat de uitstroom vanuit Beschermd Wonen soms gepaard gaat met een te snelle afbouw van 24-uurszorg, met nadelige gevolgen voor de bewoner zelf én de omgeving. Er ligt dan ook een nadrukkelijke gezamenlijke opgave tussen de betrokken partijen om te bepalen of een cliënt klaar is voor de stap naar zelfstandig wonen. In een enkel geval ligt de oplossing niet in een terugkeer in de wijk. Voor sommige mensen zijn daar te veel prikkels, wat kan leiden tot ongewenst en onaangepast gedrag. Voor deze kleine groep zet gemeente Gouda in op de realisatie van een aantal Gouwe Huse, waar deze mensen in een prikkelarme omgeving kunnen wonen. In andere gevallen is er sprake van mensen met psychische of psychiatrische problematiek (GGZ) die met preventieve inzet niet naar een instelling hoeven in te stromen. Zij kunnen met begeleiding thuis blijven wonen. Er is dan geen sprake van uitstroom, maar mogelijk geeft het wel druk op de leefbaarheid. Om eventuele overlast te verminderen is een goede afstemming tussen de betrokken partijen ook in dit geval benodigd.

Rechtspraak bij dit artikel