Inleiding
De gemeente Best heeft inmiddels een behoorlijke historie voor wat betreft de programmatische aanpak van de verbetering van de lokale luchtkwaliteit. In 2009 stelde de gemeenteraad het Luchtkwaliteitsplan vast. Dit met het oog op het beperken en voorkomen van nadelige gezondheidseffecten ten gevolge van luchtverontreiniging en het adresseren van de beperkingen die een slechte luchtkwaliteit had voor ruimtelijke ordeningsplannen. Het Luchtkwaliteitsplan kreeg in 2015 een vervolg met de vaststelling van het Programma Lucht 2015-2020. Inmiddels is Best tevens toegetreden tot het Schone Lucht Akkoord (verder: SLA) een samenwerking tussen het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, provincies en een aantal gemeenten. Het gezamenlijke doel is om in 2030 minimaal 50% gezondheidswinst te realiseren ten opzichte van 2016.
Deze aanscherping van ambities vereist vanzelfsprekend een herijking van het Programma Lucht. Een terugblik op de afgelopen periode helpt ons om een oordeel te vormen over de doeltreffendheid en doelmatigheid van het gevoerde beleid. Dit biedt de juiste opmaat voor het formuleren van het onder het SLA verplicht op te stellen decentrale uitvoeringsprogramma.
Wat wilden we bereiken?
In het programma lucht 2015-2020 hebben we als doelen opgenomen dat:
- - De concentratie (ultra)fijnstof (PM10; PM2,5) en stikstofdioxide (NO2) onder de wettelijke norm blijft;
- - Luchtkwaliteit structureel wordt meegenomen in de besluitvorming omtrent ruimtelijke en infrastructurele ontwikkelingen ten aanzien van wonen en werken;
- - Kwetsbare groepen niet worden gehuisvest op nieuwe locaties waar sprake is van hogere concentraties luchtverontreinigende stoffen, in casu drukke (snel)wegen;
- - Door communicatie, voorlichting, acties en maatregelen de bijdrage van inwoners, bedrijven en gemeente aan een verbetering van de luchtkwaliteit toeneemt.
De cijfers

Bij het bepalen of deze normen al dan niet zijn behaald maken we gebruik van de monitoringstool van het NSL. Deze tool maakt gebruik van rekenpunten De berekende resultaten van de Monitoringstool zijn onderhevig aan verschillende onzekerheden. Voor een deel zijn deze het gevolg van externe omstandigheden buiten de invloedsfeer van de monitoring, zoals de meteorologie. Daarnaast zitten er onzekerheden binnen het proces en systeem van de Monitoring. In de NSL Monitoring is het Ministerie van I&M eindverantwoordelijk voor het systeem van monitoring en de vaststelling van het resultaat. Medio december 2010 is de eerste monitoringsrapportage van het RIVM voltooid waarin de resultaten voor geheel Nederland zijn weergegeven. De in de Monitoringsrapportage genoemde concentraties van NO2 en PM10 bezitten een onnauwkeurigheid van 15%. Ter verifiëring van de rekenresultaten en voor nader onderzoek naar de luchtkwaliteit worden, naast het uitvoeren van berekeningen, continu luchtkwaliteitsmetingen uitgevoerd. Dit gebeurt via het Landelijk Meetnet Luchtkwaliteit dat verspreid over heel Nederland ruim vijftig meetpunten kent. De dichtstbijzijnde meetpunten vanuit Best zijn gelegen in Eindhoven.
Binnen de regio wordt er momenteel gewerkt aan een regio-dekkend luchtmeetnet. Er wordt hierbij specifiek ingezoomd op 3 aandachtgebieden; Eindhoven Airport, intensieve veehouderij en de stedelijke omgeving. Ten behoeve van dit meetnet zijn er ook in Best 3 luchtmeetkasten geplaatst. Het meetnet geeft op termijn een accurater beeld van de luchtkwaliteit en stelt ons in staat om gerichter beleid te formuleren. Aangezien we echter ten behoeve van deze evaluatie nog niet kunnen beschikken over de data uit het luchtmeetnet maken we gebruik van de monitoringstool van het NSL. Zoals blijkt uit onderstaande kaarten is er binnen de gemeente geen sprake van overschrijdingen of dreigende overschrijdingen in het laatste jaar van de planperiode.

Concentratie NO2 2020 Bron: NSL monitoringstool

Concentratie PM10 2020 Bron: NSL monitoringstool

Concentratie PM2,5 2020 Bron: NSL monitoringstool
Om een beeld te krijgen van de ontwikkeling van de luchtkwaliteit over tijd hebben we de concentraties van de genoemde verontreinigingen voor gehele gemeente gemiddeld en in tabelvorm gepresenteerd voor de periode 2015-2020. Hoewel deze concentraties uiteraard variëren afhankelijk van de specifieke locatie is de spreiding van deze data vrij beperkt. Zoals ook blijkt uit bovenstaande kaart is er sprake van een redelijk consistent beeld. Een gemiddelde weergave geeft zodoende een goed beeld van de luchtkwaliteit in de gemeente. Uit deze tabellen valt op te maken dat er sprake is van een zich voortzettende afname van de concentratie luchtverontreinigende stoffen. De rode lijn geeft de Europese grenswaarde, de grijze lijn de (voormalige) advieswaarde van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO).



De concentraties NO2 en fijn stof (PM10 en PM2,5) lagen gedurende de planperiode (2015-2020) ruimschoots onder de (wettelijke) grenswaarde. Voor wat betreft de concentratie PM10 werd tot voorkort zelfs in nagenoeg heel de gemeente voldaan aan de WHO advieswaarde, inmiddels heeft de WHO haar advieswaardes echter verlaagd waardoor dit niet langer het geval is. De NSL rekentool geeft ook een prognose voor 2030 op basis van bekende trends en verwachte ontwikkelingen. Hieruit komt naar voren dat de ingezette daling zich naar verwachting zal voortzetten. Met name ten aanzien van NO2 en PM2,5 ligt er echter nog een opgave om te voldoen aan de aangescherpte WHO advieswaarden.
Inwonerspanel
Om een beeld te krijgen bij de wijze waarop inwoners de aanpak van de luchtkwaliteit in Best de afgelopen jaren hebben ervaren, hebben we het inwonerspanel een enquête voorgelegd. We hebben in deze enquête vragen gesteld rondom het belang dat men hecht aan de aanpak van luchtverontreiniging, de perceptie van de kwaliteit van de lucht, bekendheid met maatregelen die we de afgelopen jaren hieromtrent genomen hebben en de mate waarin dit van invloed is op het eigen gedrag. Daarnaast hebben we in de enquête vragen gesteld over eventuele toekomstige maatregelen. Respondenten hadden bovendien de mogelijkheid om suggesties te doen met betrekking tot de koers van en maatregelen binnen het luchtkwaliteitsbeleid. Hier is volop gebruik van gemaakt.
De voornaamste conclusies uit de enquête:
Enige zorgen over de luchtkwaliteit
Bijna negen op de tien inwoners van de gemeente Best vindt aandacht voor luchtkwaliteit belangrijk. Net iets meer dan twee op de vijf maakt zich hier enige zorgen over, terwijl een derde zich niet zo veel zorgen maakt over de luchtkwaliteit. Met name 65-plussers maken zich veel zorgen over de luchtkwaliteit. Slechts één op de tien inwoners denkt dat de lucht in Best schoner is geworden sinds 2014. Bijna vier op de tien denkt dat lucht minder schoon of zelfs veel minder schoon is geworden sinds deze periode.
Bekendheid met uitgevoerde maatregelen laat te wensen over
Wanneer inwoners een elftal gemeentelijke acties voorgelegd kregen met de vraag welke ze kenden, gaven bijna negen op de tien inwoners aan bekend te zijn met het plaatsen van laadpalen voor elektrische voertuigen. Maar slechts 38% van respondenten was op de hoogte van de ontwikkelingen rondom het meten van de lokale luchtkwaliteit en acties als ‘winkel op de fiets’ en ‘groene voetstappen’ waren nog maar bij respectievelijk 26% en 9% van de respondenten bekend.
Inwoners verplaatsen zich vaker te voet, per fiets of met het openbaar vervoer
Net iets minder dan de helft van de inwoners laat steeds vaker de auto staan om zich te voet, per fiets of met het openbaar vervoer te verplaatsen. Net iets meer dan een kwart van de inwoners doet dit soms en 14 procent wil dit gaan doen. Net iets meer dan acht op de tien inwoners wil geen auto met anderen delen. Wel wil 38 procent een schone auto kopen en heeft een kwart dit al gedaan. Twee op de vijf inwoners neemt al minder snel het vliegtuig voor vakantiereizen, terwijl een derde dit wil doen om een eigen bijdrage te leveren aan een betere luchtkwaliteit.
Het volledige rapport is opgenomen in bijlage 2.
Wat hebben we gedaan?
In het uitvoeringsprogramma 2015-2020 is onderstaande lijst van maatregelen opgenomen:
| UITVOERINGSPLAN 2015-2020 | |||
| Maatregel | Wat zouden we doen? | Wat is er gebeurd? | |
| Ruimtelijk beleid en wetgeving | |||
| 1 | Toetsing ruimtelijke- en infrastructurele plannen | Toetsen aan wettelijke regels en afweging maken over ‘goede ruimtelijke ordening’ volgens de Wet Ruimtelijke ordening met behulp van het stappenplan in de Handreiking | ✓ Doorlopend |
| ✓ Gedurende de planperiode consequent uitgevoerd. | |||
| 2 | Toetsing van industriële en agrarische bedrijven | Toetsen van de aanvragen om omgevingsvergunning aan wettelijke regels, toezicht op de regels | ✓ Doorlopend |
| ✓ Uit een steekproef is gebleken dat bij ontvangen aanvragen een luchtkwaliteitstoets heeft plaats gevonden. | |||
| Mobiliteit | |||
| 3 | Verder verschonen gemeentelijk wagenpark | Aanschaf elektrische auto’s, deelauto, schone vrachtwagens | ✓ In 2018 zijn twee dienstauto’s vervangen door elektrische voertuigen |
| ✓ In 2020 is de dienstauto van de buitendienst vervangen door een elektrisch voertuig. | |||
| ✓ Vanaf 2009 geschiedt de afvalinzameling m.b.v. inzamelvoertuigen op biogas. In 2019 is hier t.g.v. een aanbesteding een inzamelvoertuig op waterstof bijgekomen (zero-emission). | |||
| 4 | Uitbreiding aantal elektrische laadpalen | Aantal elektrische laadpalen uitbreiden van 4 naar 8 | ✓ Het aantal laadpalen is inmiddels uitgebreid naar 41 stuks met 77 laadplaatsen in totaal. |
| ✓ 2,1% van de personenauto’s in Best is elektrisch (FEV & PHEV). | |||
| 5 | Bevorderen (elektrische)fietsgebruik | Optimaliseren fietsroute netwerk (zoals de slowlane), fietsparkeer-voorzieningen en fietsbeweg-wijzering, een dialoog aangaan over oplaadpunten voor e-bikes | ✓ Snelfietsroute wordt/ is uitgebreid met de route Eindhoven-Den Bosch (f2) en Breda-Tilburg-Eindhoven (f58) |
| ✓ Lokale aansluitingen op de snelfietsroute zijn verbeterd (bijvoorbeeld de fietsbrug bij Ekkersweijer) | |||
| ✓ Lokale fiets-infrastructuur is verbeterd (recent fietspaden ringweg en heidebrug) | |||
| ✓ De Vleut is beter ontsloten voor fietsverkeer | |||
| ✓ Verkeersveiligheid voor fietsverkeer is verbeterd | |||
| ✓ We overleggen met prorail over opwaarderen fietsparkeervoorzieningen bij het station. | |||
| 6 | Bevorderen van gebruik Openbaar vervoer | HOV-ontsluiting van Best op regionale agenda, schonere bussen, bushalten toegankelijk maken | ✓ Uitwerking van de HUBS (overstap op HOV of andere alternatieve vervoerswijzen) langs de A2, A58 en bij het station vindt momenteel plaats |
| ✓ Bijna alle bushaltes zijn inmiddels toegankelijk gemaakt (gelijkvloerse instap) | |||
| 7 | Doorstroming autoverkeer verbeteren/optimaliseren | Monitoring intensiteits-ontwikkeling Ringweg, capaciteitsuitbreidingen van div. kruispunten, onderhoud (VRI’s) | ✓ Er zijn diverse maatregelen uitgevoerd ter verbetering van de doorstroming. Bijvoorbeeld kruising Ringweg- Koppelstraat (capaciteitsuitbreiding/ rotonde) en Ringweg-Bokvelden (VRI verwijderd) |
| ✓ Er vindt een actief verkeerskundig beheer van de VRI’s plaats zodat deze optimaal aansluiten op het huidig verkeersaanbod. | |||
| 8 | Auto- en vrachtverkeer in- en naar het centrum ontmoedigen | Meer straten afwaarderen voor verkeer, een voorbeeld is de Hoofdstraat | ✓ Door de afsluiting van de Hoofdstraat voor gemotoriseerd verkeer is het centrum verkeersluw en aantrekkelijker voor voetgangers en fietsers gemaakt. |
| 9 | Sluipverkeer tegengaan en omrijden in wijken terugdringen | Maatregelen zodat het autoverkeer de daarvoor bedoelde (snel)wegen gebuikt. | ✓ T.b.v. de verbreding van de A58 hebben we bijgedragen aan het project InnovA58 |
| 10 | Vliegverkeer monitoren | Regiogemeenten trekken samen op aangaande de ontwikkelingen op Eindhoven Airport en de effecten daarvan. | ✓ We nemen deel aan de Alderstafel en het COVM |
| ✓ Invloed luchthaven op de regionale luchtkwaliteit is één van de speerpunten van het regionaal meetnetwerk | |||
| 11 | Overlast van zwaar militair lesverkeer tegengaan op bepaalde wegen | Opvolgen afspraken dat militair verkeer niet is toegestaan in 30 km zones. | ✓ Doorlopend |
| ✓ Afgelopen periode hebben we relatief weinig klachten ontvangen hieromtrent | |||
| 12 | Vervoersmanagement bij bedrijven incl. thuiswerken | Stimuleren, ideeën aanreiken | ✓ Brabant mobiliteitsnetwerk neemt het initiatief voor gesprekken met bedrijven (opdracht vanuit de MRE) |
| Communicatie | |||
| 13 | Diverse acties om schoner vervoer te promoten | Carpoolen, autodelen, Schone (vracht) auto’s Zuiniger rijden | X Gepland elektrisch proefrit evenement i.s.m. ANWB is vanwege corona geannuleerd. |
| X Er zijn geen afspraken gemaakt met aanbieders van deelauto’s. De enquêtes uit 2014 en 2021 doen vermoeden dat hier slechts beperkt behoefte aan is. Desondanks zijn er momenteel toch een aantal aanbieders van deelauto’s actief in Best. | |||
| 14 | Communicatiecampagnes voor stimuleren fietsgebruik | Groene voetstappen: een actie van 1 week, waarbij kinderen stickertjes verdienen als ze te voet, steppend of fietsend naar school gaan. | ✓ De actie groene voetstappen is voor het laatst in 2016 uitgevoerd. |
| Winkel op de fiets: een actie van enkele weken, als stimulans om de dagelijkse boodschappen met de fiets te doen. | ✓ De actie winkel op de fiets is voor het laatst in 2016 uitgevoerd. | ||
| Overige maatregelen | |||
| 15 | Investeren in schonere energie en LED verlichting | Uitbreiding van LED-verlichting bv. toepassen bij sportvelden | ✓ Ruim 65% van de openbare verlichting is voorzien van LED. |
| ✓ In 2021 is de veldverlichting bij sportpark de leemkuilen voorzien van LED | |||
| 16 | Duurzaam inkopen | Opvolgen dat gewerkt wordt volgens milieucriteria in inkoopbeleid (duurzaam inkopen) | ✓ Best heeft het manifest maatschappelijk verantwoord inkopen bekrachtigd. Duurzaamheid is zodoende in beginsel onderdeel van ons inkoopproces. |
| 17 | Zorgen voor meer groen langs wegen en scholen | Uitvoering geven aan groenbeleidsplan | ✓ Doorlopend |
| 18 | Samenwerken met duurzaamheidsinitiatieven, regio gemeenten en andere overheden | Uitwisseling van kennis, kunde en ervaring, acties gezamenlijk oppakken | ✓ Doorlopend |
| ✓ Best duurzaam heeft in 2020 subsidie gekregen voor het uitgeven van fijnstof meters aan een aantal leden. | |||
| ✓ We zijn toegetreden tot het Schone Lucht Akkoord | |||
| ✓ We nemen deel in het regionaal meetnetwerk Zuidoost-Brabant | |||
| 19 | Voetpaden verbeteren | Dialoog over mogelijke knelpunten | ✓ Klachten/ knelpunten worden behandeld door de projectgroep verkeer en vervoer. |
| 20 | Vervoer per schip promoten | Samen met de regiogemeenten onderzoekt de gemeente de mogelijkheid om voor transport van brandbaar afval naar de eindverwerker gebruik te maken van transport per schip. | X Vanwege het beëindigen van de collectieve inkoop afvalverwerking is hier niet langer mogelijkheid toe (juiste schaal ontbreekt). |
| 21 | Inzetten van elektrische bladblazers | Naast luchtverontreiniging produceren (benzine) bladblazers tevens behoorlijk wat geluid. Onderzocht wordt in hoeverre gebruik gemaakt kan worden van elektrische bladblazers. | X Elektrische bladblazers leveren momenteel helaas nog niet de functionele eisen die we hier vanuit onze bedrijfsvoering aan stellen. |
| 22 | Rommel stoken verbieden | Toezicht op art 5.33 van de APV: ‘verbod afvalstoffen te verbranden of anderszins vuur te stoken (m.u.v. huiselijke kring)’ | ✓ Overlast meldingen worden opgevolgd |
| ✓ Er wordt periodiek gecommuniceerd in Groeiend Best en op de website rondom ‘verstandig stoken’ | |||
| ✓ We geven geen ontheffingen af voor het verbranden van snoeihout in het buitengebied, maar halen dit jaarlijks op. | |||
| Extra acties | |||
| 1 | Snelheid op snelwegen | ✓ Is inmiddels verlaagd naar 100km per uur in de dag- en vroege avondperiode. | |
| 2 | Bewonersparticipatie | ✓ Best Duurzaam heeft met subsidie van de gemeente een fijnstof meters gebouwd en verstrekt aan leden. Deze geven op termijn naar verwachting waardevolle inzichten en vergroten de betrokkenheid van bewoners. | |
Wat hebben we hiermee bereikt?
Het is niet eenvoudig om de effectiviteit van de uitgevoerde maatregelen te bepalen. De totale concentratie fijnstof en NO2 is immers een optelsom van lokale emissies en emissies van elders. Daarnaast is een deel van de fijnstof concentratie niet toe te schrijven aan menselijk handelen, maar van natuurlijke oorsprong. Denk hierbij bijvoorbeeld aan zeezout en bodemstof.
Het RIVM is momenteel bezig met de ontwikkeling van een rekentool waarmee de effectiviteit van maatregelen ter verbetering van de luchtkwaliteit kunnen worden gekwantificeerd. Hier kunnen we momenteel echter helaas nog niet over beschikken. In het verleden maakten we gebruik van de SOLVE maatregelenmix. Dit programma berekent de effecten die verkeersmaatregelen hebben op de lokale luchtkwaliteit. Aangezien mobiliteitsmaatregelen een voornaam aandeel vormen van het totaal programma, ontstond hiermee een aardig beeld van de effectiviteit hiervan. Het betreffende programma is echter verouderd en niet meer beschikbaar. Zodoende moeten we ons ten behoeve van deze evaluatie noodgedwongen beperken tot bovenstaande kwalitatieve beschrijving van de uitgevoerde maatregelen.
Naast de directe bijdrage die de diverse maatregelen hebben geleverd aan het verbeteren van de lokale luchtkwaliteit gaat hier in veel gevallen ook een zeker indirect effect van uit. Hoewel uit de resultaten van de enquête naar voren komt dat slechts een klein deel van de inwoners zich door de uitgevoerde maatregelen gestimuleerd voelt om zelf ook maatregelen te nemen. Doet het feit dat een grote groep aangeeft al maatregelen te hebben genomen, steeds vaker de auto laat staan, kiest voor een schonere auto of minder vaak met het vliegtuig (wil) gaan, vermoeden dat dit indirect effect er wel degelijk is. Feit is in ieder geval wel dat dit effect vergroot kan worden door steviger in te zetten op communicatie en participatie.
Klachten en meldingen
Sinds begin 2019 worden klachten en meldingen rondom overlast van rook en luchtverontreiniging geregistreerd in de applicatie Fixie. Daarnaast ontvangen we sinds dit jaar klachten rechtstreeks vanuit de website van Stookwijzer. Voor 2021 tellen deze op tot een totaal van 57 stuks, overigens niet allemaal afkomstig van verschillende locaties. Het gaat hierbij met name om meldingen van overlast van houtrook afkomstig van tuinhaarden en kachels binnenshuis. De gemeente publiceert periodiek een artikel met tips over verstandig stoken. Ook op de website van de gemeente kunnen bewoners hier informatie over vinden.
Financiën
Bij het opstellen van het uitvoeringsprogramma lucht is ervoor gekozen om het thema zoveel mogelijk te integreren in verwante beleidsterreinen. Het zwaartepunt voor wat betreft de uitvoering van de maatregelen lag zodoende bij de uitvoering van ons mobiliteits- en duurzaamheidsbeleid. De kosten voor de uitgevoerde maatregelen en projecten die hieruit zijn voortgekomen (en waarvan u hierboven een overzicht heeft gezien) vormen een integraal onderdeel van de projectbudgetten binnen de respectievelijke thema’s. Verder uitvoering van en regievorming op het programma lucht heeft plaats gevonden binnen bestaande formatie en middelen. Er zijn zodoende geen additionele kosten gemaakt.
Conclusies
Zoals uit het voorgaande blijkt is er de afgelopen periode stevig werk gemaakt van het verbeteren van de luchtkwaliteit in Best. De integratie in andere beleidsterreinen heeft ertoe geleid dat er binnen het ambtelijk apparaat een collectief eigenaarschap voor het realiseren van de beleidsdoelstellingen rondom het verbeteren van de luchtkwaliteit wordt gevoeld.
Hoewel uit de cijfers van de NSL montoringstool blijkt dat de afgelopen periode de luchtkwaliteit flink verbeterd is, ontbreekt het ons aan instrumenten om scherp te krijgen in hoeverre deze verbetering valt toe te schrijven aan de binnen dit programma uitgevoerde maatregelen. Een groot gemis omdat dit waardevolle inzichten kan geven in de effectiviteit van deze maatregelen en zodoende kan helpen om hierin de juiste keuzes te maken. Ten behoeve van de komende planperiode beschikken we over lokale meetgegevens vanuit regionaal luchtmeetnet (Aireas) waarvoor inmiddels 3 meetpunten in Best zijn ingericht. Daarnaast kunnen we terugvallen op een stukje ‘citizen science’. Best Duurzaam heeft, ondersteunt met subsidie vanuit de gemeente, een flink aantal mobiele luchtmeters verspreid over de gemeente die ons eveneens waardevolle inzichten kunnen geven. Tenslotte kunnen we de komende periode beschikken over een door het RIVM ontwikkelde tool waarmee we de bijdrage van voorgenomen maatregelen kunnen doorrekenen.
De verwachting is dat we met voornoemde ontwikkelingen de komende planperiode slagvaardig werk kunnen maken van een verdere verbetering van de lokale luchtkwaliteit. Met het oog op de ambitie van het door de gemeente bekrachtigde Schone Lucht Akkoord een zeer wenselijke ontwikkeling. Van belang is dat we hierbij steviger inzetten op communicatie zowel over de staat van de lokale luchtkwaliteit als over de maatregelen die we uitvoeren om de kwaliteit te verbeteren.