Teneinde de kosten van het werkkapitaalbeheer te beperken wordt:
Het liquiditeitsgebruik beperkt door de geldstromen op gemeenteniveau op elkaar en op de liquiditeitenplanning af te stemmen. Hierbij wordt erop toegezien dat de liquiditeitspositie voldoende is om te garanderen dat de verplichtingen tijdig kunnen worden nagekomen;
Indien er een liquiditeitsbehoefte ontstaat, kan de Treasurer kortlopende middelen aantrekken. Hierbij wordt conform artikel 4 lid 1 de kasgeldlimiet niet overschreden;
Toegestane instrumenten bij het aantrekken van kortlopende middelen zijn daggeld leningen, kasgeldleningen en rekening-courantkredieten;
Toegestane instrumenten bij het extern uitzetten van gelden voor een periode korter dan één jaar moeten voldoen aan de eisen van artikel 5;
Bij het extern uitzetten van gelden korter dan één jaar zijn slechts de in artikel 6 en artikel 11 genoemde tegenpartijen toegestaan;
Het betalingsverkeer zoveel mogelijk elektronisch uitgevoerd bij één bank;
De gemeente streeft naar concentratie van liquiditeiten binnen één rentecompensatiecircuit bij de bank met de gunstigste condities.