Bij de keuze voor actief of faciliterend grondbeleid zijn de volgende factoren van belang:
- - het belang van een ruimtelijke ontwikkeling voor de gemeente;
- - de prioriteit van een ruimtelijke ontwikkeling voor de gemeente;
- - de grondpositie van de gemeente en de verwervingsmogelijkheden door de gemeente;
- - het te behalen resultaat op de grondexploitatie.
Voornoemde factoren kunnen in een afwegingskader worden geplaatst. Dit leidt tot de volgende beslisstructuur.
De vragen over wenselijkheid en prioriteit kunnen worden beantwoord op basis van beleidsdocumenten, zoals de structuurvisie of omgevingsvisie, bestemmingsplannen en woningbouwafspraken. De beantwoording van de vragen over het te verwachten financiële resultaat en de mogelijkheden tot verwerving van eigendommen vereisen gedegen onderzoek. In hoofdstuk 4 en bijlage 2 (paragrafen 2.2 en 2.3) wordt hier nader op ingegaan.
In algemene termen kan gesteld worden, dat uitbreidingslocaties in principe geschikt zijn voor actief grondbeleid. Meestal gaat het daarbij om het verwerven van agrarische grond met relatief weinig opstallen. Het bouw- en woonrijp maken van een dergelijk gebied is meestal relatief goedkoop.
In deze situatie zijn de kosten vrij beperkt en deze kosten kunnen daardoor meestal worden terugverdiend met de uitgifte van grond voor woningbouw of bedrijfsterrein. Hierbij moet wel een degelijk onderzoek plaatvinden neer de grondposities en moet op basis daarvan een verwervingsstrategie worden bepaald, uit te werken in een verwervingsplan. Bij een gerechtvaardigd beroep op zelfrealisatie door de grondeigenaren, zoals hiervoor in hoofdstuk 3.2 genoemd, zou actief grondbeleid onmogelijk kunnen worden.
Op binnenstedelijke inbreidingslocaties verdient facilitair grondbeleid meestal de voorkeur. Op dergelijke locaties zullen meestal opstallen (woningen en bedrijfspanden) moeten worden aangekocht en gesloopt. Dit leidt tot hoge verwervings- en sloopkosten. In een dergelijke omgeving zijn de kosten voor het bouw- en woonrijp maken vaak hoog, bijvoorbeeld door het omleggen van straten met bijbehorende kabels en leidingen en het uitvoeren van bodemsaneringen. De te maken kosten kunnen daardoor meestal niet worden terugverdiend met de uitgifte van grond. Dergelijke binnenstedelijke projecten kunnen door projectontwikkelaars worden uitgevoerd, omdat zij de mogelijkheid hebben om te verdienen aan het te realiseren vastgoed.