Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 4.3

Woonkosten eigen woning

Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand gemeente Westerkwartier 2022

Bewoners van een eigen woning kunnen ook in aanmerking komen voor een woonkostentoeslag. Daarmee wordt bereikt dat zij, nu er voor deze categorie geen recht bestaat op huurtoeslag, hetzelfde deel van hun inkomen aan woonkosten voldoen als huurders. In eerste instantie dienen daarbij de woonkosten te worden vastgesteld. Bij de voor eigen rekening blijven hypotheekrente (nadat de teruggave van de Belastingdienst in aanmerking is genomen) worden de kosten die verband houden met de eigendom van de woning opgeteld. Hierbij wordt voor de bepaling van de laatstgenoemde kosten per maand uitgegaan van het (eerder door het NIBUD gehanteerde) bedrag van € 1,36 vermenigvuldigd met iedere € 1.000,00 aan WOZ-waarde van de woning. Nadat de woonkosten op deze wijze zijn vastgesteld wordt de woonkostentoeslag afgestemd op de berekeningswijze van de huurtoeslag. Aan woonkostentoeslag wordt maximaal verstrekt een bedrag gelijk aan de maximum huurtoeslag, vermeerderd met 100% van de resterende woonkosten boven de huurtoeslaggrens. De woonkostentoeslag wordt bij te hoge woonkosten, boven de huurtoeslaggrens, zolang als noodzakelijk, maar in principe maximaal voor de duur van één jaar verstrekt. Voorwaarde daarbij is dat men vanaf het begin omziet naar goedkopere huisvesting waarvan de kosten minder bedragen dan de huurtoeslaggrens. Verlenging van de woonkostentoeslag is mogelijk, indien de betrokkene aan kan tonen dat men in redelijkheid geen goedkopere woonruimte heeft kunnen verkrijgen of wanneer één van de onderstaande situaties aan de orde is: de woning is voor betrokkene aangepast via de WMO of een andere regeling van de overheid; de medische noodzaak is vastgesteld middels een deskundigenrapport.

Rechtspraak bij dit artikel