De volgende activiteiten komen voor subsidie in aanmerking:
Het uitvoeren van preventieve activiteiten, zoals het bieden van voorlichting op scholen en eventueel op andere (digitale) vindplaatsen van jongeren. Hiermee wordt rekening gehouden met wat effectief, haalbaar en passend is. Er wordt een bewuste afweging gemaakt welke doelgroepen er met de preventieve inzet worden bereikt, waarbij er aandacht is voor jongeren in een kwetsbare positie.
Het bieden van begeleiding. Begeleiding wordt zowel in individueel als collectieve vormen aangeboden. Alle vormen van begeleiding zijn laagdrempelig en vrij toegankelijk. De groepsactiviteiten kunnen aanvullend zijn op een individueel traject, of hier los van staan. Ouders/verzorgers van de kinderen die de begeleiding krijgen, worden waar nodig en passend betrokken. De begeleiding versterkt en vult de inzet aan van de sociale basis, basis- en aanvullende (jeugd)zorg. Dit vraagt actieve afstemming en samenwerking met deze uitvoerende partijen in Utrecht, en mogelijk collectieve inzet. Hierbij verwachten we een proactieve, samenwerkende houding van de subsidieontvanger.
Het bieden van consultatie. Andere Utrechtse professionals kunnen op verschillende manieren gebruik maken van de kennis en expertise van de subsidieontvanger. De subsidieontvanger geeft advies aan andere Utrechtse professionals, beantwoordt vragen en bevordert deskundigheid en handelingsbekwaamheid. Dit is aanvullend op consultatie van andere Utrechtse partners, zoals de JGZ, buurtteams, en aanvullende jeugdhulpaanbieders.
De uitvoering van de subsidiabele activiteiten is in lijn met de doelstelling, zoals genoemd in artikel 2, de Utrechtse leidende principes, programma’s en actieplannen (denk aan mensenhandel en straatintimidatie) en andere beleidsterreinen van de gemeente Utrecht.
Artikel 5