Met betrekking tot de roerende en onroerende -zaakbelastingen en rioolheffing van gebruikers voor niet-woningen wordt de aanslag in onderstaande volgorde gesteld ten name van:

1.. degene die ook als genothebbenden krachtens eigendom, bezit of beperkt recht wordt aangemerkt;

2.. degene die volgens het handelsregister het langst het adres van het belastingobject als vestigingsadres voert;

3.. degene die het huurcontract van het belastingobject op naam heeft;

4.. degene die een nutsvoorziening van het belastingobject op naam heeft;

5.. degene die op andere wijze als gebruiker naar voren komt.