Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 5.

Artikel 5.3

Vaststelling en betaling loonkostensubsidie

Onderdeel van Nadere regels re-integratie gemeente Nederweert 2020

1.. De loonkostensubsidie wordt vastgesteld met ingang van de datum waarop het dienstverband is ingegaan. 2.. De hoogte van de loonkostensubsidie wordt halfjaarlijks op 1 januari en 1 juli ambtshalve opnieuw vastgesteld in overeenstemming met de ontwikkeling van het wettelijk minimumloon in het voorafgaande half jaar en de aanspraak op vakantiebijslag op grond van artikel 15 van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag en de vergoeding voor werkgeverslasten, bedoeld in het vierde en vijfde lid van artikel 10d Participatiewet. 3.. Het college betaalt de loonkostensubsidie voor de vaste arbeidsuren, uiterlijk uit op de laatste werkdag voorafgaand aan de eenentwintigste dag van de maand waarin de arbeid is verricht. 4.. De uitbetaling van de loonkostensubsidie voor de niet-vaste arbeidsuren vindt binnen een maand plaats nadat door de werkgever de loonstrook van die betreffende maand is overgelegd. 5.. Bij min-max contracten wordt de loonkostensubsidie van de vaststaande minimale uren betaald op uiterlijk de laatste werkdag voorafgaand aan de eenentwintigste dag van de maand waarin de arbeid is verricht. De gewerkte uren boven het vaststaand minimum worden binnen een maand uitbetaald nadat de werkgever de loonstrook van die betreffende maand heeft overgelegd. 6.. Indien blijkt dat er door het college in een maand te veel loonkostensubsidie is betaald, kan deze na constatering worden verrekend met nog uit te betalen loonkostensubsidie.

Rechtspraak bij dit artikel