Woningsplitsing en verkamering
Van woningsplitsing is sprake wanneer een zelfstandige wooneenheid (één woning) wordt gesplitst in meerdere zelfstandige wooneenheden. Dit zijn dan vaak appartementen met een eigen voordeur, huisnummer en achter die voordeur voorzieningen voor eigen gebruik. Van kamerbewoning is sprake als één gebouw waarin wonen is toegestaan wordt omgezet in minstens 3 onzelfstandige wooneenheden of kamers. Een onzelfstandige wooneenheid heeft vaak de beschikking over een eigen woon-slaapkamer, maar overige voorzieningen worden gedeeld met de andere bewoners. Zowel woningsplitsen als verkameren kunnen bijdragen aan het versneld toevoegen van (on)zelfstandige woningen aan de totale woningvoorraad, met name geschikt voor de huisvesting van starters/jongeren (friendscontracten die al door Viveste worden toegepast). In gebieden met grote woningnood is regulering gewenst. Door het splitsen en verkameren van woningen kunnen mogelijk laagwaardige woningen ontstaan met als gevolg sociale problemen en druk op de leefbaarheid van het gebied. In het lokaal maatwerk op basis van de Huisvestingsverordening wordt dit nader uitgewerkt.
Flexwonen
De term ‘flexwonen’ gaat over flexibele woonoplossingen die relatief snel en goedkoop kunnen worden gerealiseerd. Kenmerkend is het ‘tijdelijke karakter’ van de woning zelf, de bewoning of het gebruik van een locatie waarop de woning wordt geplaatst. Flexwoningen zijn in aanleg duurzaam en circulair. Zo kunnen bestaande gebouwen (zoals leegstaande kantoren) omgezet worden in woningen. Verder is conceptueel bouwen in een fabriek een meer gecontroleerd proces. Ook is er minder bouwafval en minder overlast voor de omgeving.
Flexwonen kan bovendien een antwoord zijn op de vraag hoe bestaande woonwijken op korte termijn kunnen inspelen op de nieuwe woonbehoeften.
Containerwoning
Verschijningsvormen van flexwonen zijn containerwoningen of spaceboxen die snel neergezet kunnen worden om de hoge nood te ledigen. In de grote steden vormen studenten vaak de doelgroep maar andere starters op de woningmarkt, zoals statushouders, behoren ook tot de mogelijke bewoners. Voorts kan gedacht worden aan jongeren die uit de maatschappelijke opvang komen en vanuit (jeugd)zorg begeleid worden om op zichzelf te gaan wonen.
Tiny House
Een andere vorm die veelvuldig de aandacht krijgt vanwege de krapte op de woningmarkt en de toename van het aantal eenpersoons huishoudens is de Tiny House. Dit zijn kleine maar volwaardige woningen met een vloeroppervlak van maximaal 50 vierkante meter, met een zo klein mogelijke ecologische voetafdruk. In Tiny Houses wordt permanent gewoond en ze zijn dus niet bedoeld als recreatiewoning. Aangezien de binnenruimte beperkt is, is de buitenruimte van belang. Tiny Houses zijn dan ook grondgebonden (niet gestapelde) woningen die vrijstaand worden neergezet. Er is derhalve relatief veel kavelruimte nodig en de woondichtheid is relatief laag.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.2
Artikel 3.2.1
Toevoegen en versnellen
Onderdeel van Woonvisie 2021-2030 Wijk bij Duurstede