Basis is artikel 3 van de Verordening Leerlingenvervoer
Waar in de Verordening en deze Beleidsregels gesproken wordt van een beperking, wordt een ‘structurele’ beperking bedoeld. Dat betekent dat verwacht wordt, dat die beperking langer dan 6 maanden aaneengesloten zal duren. Ook de vervoersvraag moet voor minimaal een aaneengesloten periode van 6 maanden zijn. Het gaat hierbij dus niet om de leerling met een gebroken been of de leerling die af en toe wegens omstandigheden niet naar school kan komen.
Afwijkende schooltijden
Er wordt geen leerlingenvervoer toegewezen, als een leerling op afwijkende tijden van de schoolgids (primair onderwijs) of het schoolrooster naar school of naar huis gaat.
Hier is één uitzondering op: als er door de onderwijsinspectie een onderwijsverkorting aan de leerling is toegekend en er leerlingenvervoer in de vorm van aangepast vervoer (taxibusje) is toegewezen. In dat geval wordt van de ouders verwacht dat zij zelf hun kind vervoeren van en naar het primair of voortgezet onderwijs op de tijden die afwijken van de schoolgids of het schoolrooster, waarbij de gemeente de kosten voor dat eigen vervoer vergoedt op basis van de kilometervergoeding. Indien dat vervoer door ouders aantoonbaar niet mogelijk is, zal de gemeente alsnog aangepast vervoer (taxibusje) regelen.