• - De raad benoemt uit zijn midden een eerste en tweede plaatsvervangend voorzitter.
  • - De benoeming vindt in beginsel plaats in de eerste vergadering van een nieuwe zittingsperiode en bij het tussentijds openvallen van een plaats.
  • - De plaatsvervangend voorzitter vervangt de voorzitter bij diens afwezigheid, en als een agendapunt behandeld wordt dat tot de portefeuille van de voorzitter behoort.

Toelichting artikel 8

Bij afwezigheid van zowel de voorzitter als zijn plaatsvervangers wordt het ambt overeenkomstig het bepaalde in artikel 77, tweede lid, Gemeentewet waargenomen door het langstzittende raadslid.