Basis voor de legesheffing is gemeentewet, artikel 229b.Op grond van dit artikel werd tot 2009 kruissubsidiëring tussen alle producten van de legesverordening toegestaan. Bij kruissubsidiëring wordt een bepaalde dienst onder de kostprijs aangeboden, waarbij de gederfde opbrengsten wordt verhaald op een dienst die boven de kostprijs wordt aangeboden. Deze bevoegdheid is inmiddels ingeperkt door de Europese dienstenrichtlijn en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.
Europese Dienstenrichtlijn
Met ingang van 28 december 2009 is de implementatie van de Europese Dienstrichtlijn (EDR) voltooid in de Nederlandse wetgeving. Ten aanzien van de legestarieven, die vallen onder deze dienstenrichtlijn, geldt een verbod op kruissubsidiëring (titel 3 van de legesverordening). De EDR maakt alleen kruissubsidiëring mogelijk binnen een cluster van samenhangende vergunningstelsels, dus alleen binnen de paragrafen van titel 3 van de tarieventabel.
Wet algemene bepalingen omgevingsrecht
Met ingang van 1 oktober 2010 is de wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) in werking getreden die kruissubsidiëring nog slechts toestaat binnen het cluster van de Wabo-gerelateerde leges.
Wabo en EDR doorkruisen daarmee de wettelijke regeling van artikel 229b door extra grenzen aan te brengen in de mogelijkheden tot kruissubsidiëring. Europese regelgeving gaat boven nationale regelgeving, bij strijdigheden gaat de Europese regel voor.
In de VNG-modelverordening is de vermelding van het belastbaar feit onderdeel van de tariefstelling. Bij vergunningverlening wordt overigens meestal niet de afgifte van de vergunning als belastbaar feit aangemerkt, maar het in behandeling nemen van de aanvraag. De belastingplicht ontstaat dan op het moment dat de gemeente begint met de nodige werkzaamheden, zodat ook leges kunnen worden berekend als de vergunning wordt geweigerd. De gemeente heeft immers al een inspanning geleverd.