**2.1.** Onder ‘nemen van een besluit’ wordt eveneens verstaan:
wijzigen;
verbinden van beperkingen;
verbinden van voorschriften en/of voorwaarden, tenzij dit uitdrukkelijk is uitgesloten.
**2.2.** Onder ‘beslissen’ wordt eveneens verstaan:
weigeren van besluiten;
nemen van afwijzende besluiten, tenzij dit uitdrukkelijk is uitgesloten.
**2.3.** Onder ‘uitvoeren van’ wordt verstaan: de bevoegdheid tot het nemen van alle besluiten, zowel toekenningen als afwijzingen, die in het kader van de betreffende regeling of wet kunnen worden genomen, inclusief besluiten waar een machtiging of volmacht voor nodig is.
**2.4.** Het mandaat, de machtiging en de volmacht omvatten de bevoegdheid om alle voorbereidende en afrondende handelingen te verrichten die nodig zijn om de bevoegdheid te kunnen uitoefenen.
**2.5.** Bij het aangaan van een overeenkomst is degene die bevoegd is om de overeenkomst aan te gaan en te ondertekenen ook bevoegd tot alle (rechts)handelingen voortvloeiende uit de overeenkomst tot aan de beslissing om een gerechtelijke procedure op te starten, tenzij dit uitdrukkelijk is uitgesloten.
**2.6.** De mandaten, machtigingen en volmachten zijn van overeenkomstige toepassing op niet door het college aangestelde medewerkers.