Naar hoofdinhoud
Van een lichte procedure is sprake indien het benadelingsbedrag minder is dan € 340,00. Het college stelt een boeterapport op en is hierbij niet verplicht de zienswijze van de belanghebbende te vragen. Bij het volgen van de lichte procedure vindt de boeteoplegging plaats door de ambtenaar die de schending van de inlichtingenplicht heeft geconstateerd. Van een zware procedure is sprake indien het benadelingsbedrag hoger is dan € 340,00. Het college stelt een boeterapport op en is verplicht de zienswijze van de belanghebbende te vragen. Daarbij geldt dat de belanghebbende in de gelegenheid wordt gesteld zijn zienswijze binnen 14 dagen op schrift te stellen of zijn zienswijze kenbaar te maken tijdens een gesprek. Indien de belanghebbende geen gebruik maakt van de mogelijkheid zijn zienswijze kenbaar te maken, gaat het college uit van normale verwijtbaarheid, tenzij uit onderzoek van het college is gebleken dat er redenen zijn om hiervan af te wijken. In de beschikking tot het opleggen van de boete reageert het college op de zienswijze van de belanghebbende en vermeldt het: de geconstateerde overtreding; het bedrag van de boete; de wijze waarop de hoogte van de boete is bepaald; de reden waarom de zienswijze geen aanleiding geeft af te zien van een boeteoplegging. Indien het college na ontvangst van de zienswijze besluit geen boete op te leggen, stelt het de belanghebbende hiervan middels beschikking op de hoogte en vermeldt het: de geconstateerde overtreding; en de reden waarom het college afziet van boeteoplegging.

Rechtspraak bij dit artikel