Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.3

Artikel 4.3.6

Lokale Maximale Waarden tijdelijke opslag van grond

Onderdeel van Nota bodembeheer gemeente Gooise Meren

In het generieke kader van het Besluit moet bij de tijdelijke opslag van grond (langer dan 6 maanden en maximaal 3 jaar) de ontgravingskwaliteit van de grond gelijk of beter zijn dan de bodemkwaliteitsklasse van de (tijdelijk) ontvangende bodem (zie respectievelijk de tabellen 3.4 en 3.3 van de rapportage van de bodemkwaliteitskaart). Deze voorwaarde past goed binnen de uitgangspunten van het landelijk geldende generieke toepassingskader, en dus wanneer de betreffende partij grond van een locatie afkomstig is van buiten het bodembeheergebied; de betreffende partij grond afkomstig is vanaf gebieden waarvan de gemeente de bodemkwaliteitskaart niet heeft geaccepteerd als bewijsmiddel voor de chemische kwaliteit van de toe te passen grond; het baggerspecie betreft. In sommige bovengrondzones leidt dit met gebiedseigen grond tot knelpunten. In sommige gebieden kan zich bijvoorbeeld de situatie voordoen dat op een bepaalde locatie, waar de ontvangende bodem de kwaliteitsklasse ‘Landbouw/natuur (Achtergrondwaarde – AW2000)’ heeft, wel partijen grond van de kwaliteitsklasse ‘Wonen’ mag worden toegepast, maar dat dezelfde partij grond daar niet tijdelijk mag worden opgeslagen. Dat staat haaks op de definitie van tijdelijke opslag die in het Besluit is opgenomen: "De tijdelijke toepassing van grond/baggerspecie voorafgaand aan de definitieve nuttige toepassing." Daarom verruimt de gemeente de regels voor de tijdelijke opslag van grond. Een partij grond uit de gemeente mag, voorafgaand aan de definitieve toepassing, tijdelijk worden opgeslagen als de kwaliteit van de grond voldoet aan de vastgestelde Lokale Maximale Waarden, de gebiedsspecifieke toepassingseisen (zie § 4.3). Grond van buiten de gemeente die tijdelijk wordt opgeslagen moet voldoen aan de vastgestelde bodemkwaliteitsklasse (zie tabel 3.3 van de rapportage van de bodemkwaliteitskaart). De Lokale Maximale Waarde voor tijdelijke opslag van grond uit de gemeente is gelijk aan de in § 4.3 vastgestelde Lokale Maximale Waarden. Grond van buiten de gemeente die tijdelijk wordt opgeslagen moet voldoen aan de vastgestelde bodemkwaliteitsklasse (zie tabel 3.3 van de rapportage van de bodemkwaliteitskaart).

Rechtspraak bij dit artikel