Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2:

Artikel 2.2

Exploitatievergunning droge horeca

Onderdeel van Beleidslijn toepassing Wet Bibob Borger-Odoorn 2022

Ingeval van een aanvraag voor een beschikking als bedoeld in artikel 2:28 van de APV (Exploitatievergunning droge horeca) voert het bestuursorgaan een Bibob-toets uit indien: a.. er sprake is van nieuwe vestiging van een horecabedrijf in de zin van art 2:28 van de APV; b.. er sprake is van een overname of van een wijziging van een exploitant en/of leidinggevende; c.. er een voorafgaande aanvraag door de vorige aanvrager is ingetrokken na aankondiging of uitvoering van een Bibob-toets; d.. er een voorafgaande aanvraag na aankondiging of uitvoering van een Bibob-toets is geweigerd of buitenbehandeling is gesteld; e.. op grond van: ∙ eigen ambtelijke informatie, en/of ∙ informatie verkregen van het Bureau, en/of ∙ informatie afkomstig van een van de partners uit het samenwerkingsverband RIEC, en/of ∙ vanuit het OM verkregen informatie als bedoeld in artikel 26 van de Wet Bibob, vragen ontstaan of bestaan over omstandigheden in de persoon van de aanvrager en/of met hem in verband te brengen personen zoals onder meer de personen die direct of indirect leiding geven en/of direct of indirect zeggenschap uitoefenen en/of direct of indirect vermogen verschaffen aan de betreffende activiteiten en/of onderneming of dat in het verleden hebben gedaan en/of over de organisatiestructuur en/of wijze van financiering. Het bestuursorgaan kan in dit verband in ieder geval actief navraag doen binnen haar organisatie of bij de hierboven vermelde partners. f.. een bij de aanvraag betrokkene in de voorliggende twee jaren voorwerp van onderzoek is geweest van het Bureau.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel