1.. Aan het Bestuur van de DRAN worden de volgende bevoegdheden gedelegeerd door de deelnemers:

  • - het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen op het terrein van doelgroepenvervoer;
  • - de vertegenwoordiging in en buiten rechte van de deelnemers in het kader van de in artikel 4 opgedragen taken.

2.. De DRAN is behoudens instemming van alle deelnemers niet bevoegd tot:

  • - het vestigen van opstal-, pand- en hypotheekrechten;
  • - het afgeven van garanties of andere waarborgen;
  • - het in erfpacht aannemen of uitgeven van roerende of onroerende zaken;
  • - het in eigendom aannemen of uitgeven van onroerende zaken;
  • - het oprichten van en het deelnemen in een rechtspersoon;
  • - commerciële dienstverlening aan private partijen.