Onderzocht zal moeten worden of er mogelijkheden zijn om bedrijfswoningen toe te staan bij bedrijven die op dit moment geen bedrijfswoning hebben en waar dat op grond van het huidige beleid niet is toegestaan. Hierbij gaat het onder andere om agrarische bedrijven die de afgelopen jaren vanuit de dorpskernen naar het buitenbied zijn verplaatst en waar op dit moment geen bedrijfswoning is toegestaan. Er zijn een aantal opties om dat te regelen namelijk:
Bij herziening van de bestemmingsplannen (o.a. Buitengebied) een bedrijfswoning mogelijk maken.
Bij herziening van de bestemmingsplannen (o.a. Buitengebied) een wijzigingsbevoegdheid op nemen voor een bedrijfswoning.
Conform de huidige bestemmingsplannen, geen mogelijkheid voor een bedrijfswoning op nemen en die alleen toe staan waar dit op grond van het geldende bestemmingsplan mogelijk is. Dat betekent dat er voor het bouwen van een bedrijfswoning een uitgebreide planologische procedure moet worden gevolgd.
De kanttekening kan worden gemaakt dat optie 1 gevolgen kan hebben voor de woningbouwafspraken en dat voor de opties 2 en 3 criteria moeten worden opgesteld waaraan een verzoek getoetst kan worden.
Voor bedrijfswoningen worden de volgende beleidsuitgangspunten vastgesteld.
Bij de herziening van het bestemmingsplan Buitengebied wordt een bedrijfswoning bij agrarische bedrijven, die nog geen bedrijfswoning hebben, bij recht mogelijk gemaakt. Dit geldt alleen voor volwaardige agrarische bedrijven. (Dit zijn agrariërs die voor hun inkomen grotendeels afhankelijk zijn van hun agrarisch bedrijf. Voor Ameland zijn dit hoofdzakelijk melkveehouders. Deze bedrijven hebben ten minste 50 NGE (circa 42 melkkoeien minimaal)). Uitgangspunt is dat een bedrijfswoning wordt gebouwd binnen het bouwvlak. Bij deeltijdbedrijven worden geen bedrijfswoningen toegestaan.
Op de recentelijk ontwikkelde bedrijventerreinen aan de Achterdijken in Nes en de Fabrieksweg/Trapweg in Hollum worden geen bedrijfswoningen toegestaan. Reden daarvoor is dat het toestaan van bedrijfswoningen op de bedrijventerreinen ten koste gaat van het areaal aan grond voor bedrijfsactiviteiten. Bovendien liggen deze terreinen aan de rand van de dorpen. Eigenaren wonen veelal op korte afstand van het bedrijf in de dorpen of kunnen daar gaan wonen. Daardoor is de noodzaak voor bedrijfswoningen op het bedrijventerrein niet aanwezig.
Bij bedrijven op andere locaties worden in beginsel geen bedrijfswoningen toegestaan als dat op grond van geldende bestemmingsplan niet mogelijk is. Als bedrijven die op dit moment geen bedrijfswoning hebben, in de toekomst toch een bedrijfswoning willen gaan bouwen dan zal daarvoor een planologische procedure gevolgd moeten worden en zal per geval beoordeeld moeten worden of daar medewerking aan verleend kan worden. De noodzaak voor een bedrijfswoning zal in dat geval aangetoond moeten worden middels een bedrijfsplan en de bedrijfswoning zal planologische inpasbaar moeten zijn.
Opgemerkt kan nog worden dat het college 21 februari 2012 middels een beginseluitspraak, een positief standpunt heeft ingenomen ten aanzien van een verzoek om op het bedrijventerrein in Hollum bedrijfswoningen toe te staan. Dit ging om 10 kleinere bedrijfslocaties met de mogelijkheid voor bedrijfswoningen langs de Fabrieksweg. Vanuit stedenbouwkundig oogpunt bekeken is het destijds aanvaardbaar geacht om op die locatie af te wijken van de beleidsmatige insteek en om aan de straatzijde bedrijfswoningen met een bedrijfsloods toe te staan. Dit om de entree van het dorp en het straatbeeld te optimaliseren en om te voorkomen dat er niet een dergelijk aanblik ontstaat zoals bij het bedrijventerrein in Nes. De initiatiefnemer heeft echter afgezien van het plan en recentelijk is op die locatie nieuwe bedrijvigheid ontwikkeld waardoor er geen ruimte meer is voor bedrijfswoningen.
Hoofdstuk 2. › Paragraaf 2.2
Artikel 2.2.1
Eerste Bedrijfswoning
Onderdeel van Beleidsnotitie bedrijfswoningen en personeelshuisvesting gemeente Ameland