Naar hoofdinhoud
De gemeente Bergeijk toetst bij het ontvangen van de melding van het toepassen van grond ter plaatse van wegbermen van doorgaande wegen in het buitengebied of aan de volgende voorwaarden is voldaan: De partij is afkomstig uit een wegberm van een doorgaande weg, buiten de bebouwde kom en binnen het beheergebied van de gemeente Bergeijk óf de partij is afkomstig uit het beheergebied van de gemeente Bergeijk en voldoet op basis van een NEN 5740-onderzoek met passende strategie dan wel een partijkeuring conform de BRL SIKB 1001 aan de kwaliteitsklasse industrie; Deze vrijkomende bermengrond kan binnen het beheergebied van de gemeente Bergeijk uitsluitend worden toegepast op locaties die zijn aangewezen als toepassingskwaliteit industrie; Uit het vooronderzoek dan wel de Toets herkomst blijkt geen aanleiding tot verdachtmaking van de vrijkomende bermgrond, anders dan de afspoeling van de naastgelegen weg; Bermgrond afkomstig van een bekende zinkassenwegen (zie hiervoor het kaartmateriaal van de bodemkwaliteitskaart) kan uitsluitend worden toegepast na partijkeuring conform de BRL SIKB 1001 of een bodemonderzoek conform de NEN 5740 met een passende strategie; Voor de definitie van een berm van zowel de ontgravingslocatie als de toepassingslocatie wordt aangesloten bij de brief van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Dienst Verkeer en Scheepvaart (kenmerk RWS/DVS-2009/2932, 19 november 2009); Aan de overige voorwaarden die gelden bij een melding van grondverzet moet worden voldaan. Indien aan de bovenstaande voorwaarden is voldaan, kan de gemeente Bergeijk medewerking verlenen aan de voorgenomen toepassing. Indien de aan te leggen inrit gesitueerd wordt aan een weg die is aangemerkt als zinkassenweg (zie het kaartmateriaal in de bodemkwaliteitskaart), toetst de gemeente Bergeijk bij de melding of de volgende aanvullende informatie bij de melding voor het aanleggen van een inrit is meegezonden: Een bodemonderzoek conform NEN 5740, strategie VED-HE, uitgevoerd voorafgaande aan de werkzaamheden, van de bovengrond ter plaatse van de te realiseren inrit. In het onderzoek is minimaal onderzoek verricht naar de aanwezigheid van verdachte parameters (metalen). De rapportage van dit bodemonderzoek wordt tezamen met de melding aangeboden aan de gemeente Bergeijk. Indien aan de bovenstaande voorwaarde is voldaan, kan de gemeente Bergeijk medewerking verlenen aan de voorgenomen realisatie.

Rechtspraak bij dit artikel