1. Indien sprake is van giften voor een specifiek bijzondere bestemming dan dient onderzocht te worden of deze in het individuele geval kunnen worden vrijgelaten;
a. Wanneer gelet op de bestemming een gift gerechtvaardigd is, dan kan deze geheel of gedeeltelijk worden vrijgelaten.
b. De vrijlating (van de bijzondere gift) kan plaatsvinden naast de algemene vrijlating zoals bedoeld in deze beleidsregels (artikel 2, eerste lid).
2. Indien sprake is van een gift voor een motorvoertuig dan geldt, naast de algemene vrijlating, een eenmalige extra giftenvrijlating van maximaal € 2.000,-- per bijstandsperiode, per uitkering.
Hoofdstuk
Artikel 3
Bijzondere giften
Onderdeel van Beleidsregels giften Participatiewet 2022 gemeente Beek