Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.6

Omgang met tussentijdse functiewijzigingen

Onderdeel van Bodemfunctieklassenkaart Waalre

Bij het opstellen van de bodemfunctieklassenkaart is rekening gehouden met ruimtelijke ontwikkelingen die de komende vijf jaar plaatsvinden. Desondanks is het mogelijk dat de functie van een locatie wijzigt als gevolg van een bestemmingsplanwijziging in het kader van de Wet ruimtelijke ordening (Wro). Als gevolg van een dergelijke wijziging kan het voorkomen dat de functieklasse, zoals aangegeven op de bodemfunctieklassenkaart, niet meer correspondeert met de actuele functie van de locatie. Dit zou in theorie kunnen leiden tot verkeerde afwegingen bij het toepassen van grond (of baggerspecie) volgens het generieke kader. Het bij iedere wijziging van het bestemmingsplan moeten aanpassen van de bodemfunctieklassenkaart (of andere beleidsdocumenten), vergt een onevenredige inspanning. Daarom worden bodemfunctieklassenkaarten niet frequent aangepast. Wel kan rekening worden gehouden met gewijzigde bestemmingen, bijvoorbeeld bij herontwikkeling van een locatie. In dat geval komt de gewijzigde bestemming niet meer overeen met de functie op de bodemfunctieklassenkaart, waarbij dan kan worden afgewogen welke kwaliteitsklasse grond of baggerspecie mag worden toegepast volgens het generieke kader. De bestemmingen uit het bestemmingsplan dienen hierbij dan "vertaald" te worden naar de functieklasse uit het generieke beleid. Door gemeenten wordt eenmaal per vijf jaar nagegaan of het noodzakelijk is om de bodemfunctieklassenkaart aan te passen en opnieuw vast te stellen.

Rechtspraak bij dit artikel