Uit de beschreven visie blijkt dat de bescherming van persoonsgegevens een belangrijk uitgangspunt is voor de gehele organisatie. Dat brengt met zich mee dat de verantwoordelijkheid hiervoor niet versnipperd kan zijn, dus niet verdeeld over verschillende clusters, managers en bestuurders.
Om de bescherming van de persoonsgegevens organisatiebreed te waarborgen is een centrale verantwoordelijkheid en aansturing noodzakelijk.
De bestuurlijke en politieke verantwoordelijkheid wordt daarom ondergebracht bij één portefeuillehouder. Omdat privacy nauwelijks politieke aspecten kent en relevant is voor alle beleidsterreinen is het goed om de burgemeester als vaste portefeuillehouder Privacy aan te wijzen. Deze bestendige rol komt ook de relatie en het constructieve overleg met de toezichthouder ten goede.
De portefeuillehouder Privacy is bestuurlijk verantwoordelijk en het aanspreekpunt voor het onderwerp Privacy, zowel intern als extern. Het onderwerp Privacy wordt periodiek in het stafoverleg besproken, en de portefeuillehouder voert periodiek gesprekken met de FG over dit onderwerp.