Hoofdstuk 7: Activiteiten met betrekking tot planten en dieren

Afdeling 1. Houtopstanden

Artikel 7:1 Omgevingsvergunning voor het vellen van houtopstanden

  • - Het is verboden zonder omgevingsvergunning van het bevoegd gezag een houtopstand te vellen of te doen vellen.
  • - Het verbod geldt niet voor:
    • - wegbeplantingen en éénrijige beplantingen op of langs landbouwgronden, beide voor zover bestaande uit niet-geknotte populieren of wilgen;
    • - laagstamfruitbomen en windschermen om boomgaarden;
    • - fijnsparren of andere coniferen niet ouder dan 12 jaar, bestemd om te dienen als kerstbomen en geteeld op daarvoor in het bijzonder bestemde terreinen;
    • - kweekgoed;
    • - houtopstand die bij wijze van dunning moet worden geveld;
    • - houtopstand die moet worden geveld krachtens de Plantgezondheidswet of krachtens een aanschrijving of last van het bevoegd gezag;
    • - houtopstanden waarvoor een aanlegvergunning nodig is;
    • - hakhout.
  • - In afwijking van het eerste lid is voorts geen vergunning vereist voor het vellen of doen vellen van een houtopstand binnen de bebouwde kom met een stamomtrek tot maximaal 80 cm, gemeten op 130 cm boven het maaiveld, met uitzondering van houtopstanden die staan in het gebied “Kobslocatie” zoals aangegeven op de bij deze verordening behorende tekening, opgenomen in bijlage 5.
  • - In afwijking van het eerste lid is voorts geen vergunning vereist voor het vellen of doen vellen van een houtopstand buiten de bebouwde kom met een stamomtrek tot maximaal 80 cm, gemeten op 130 cm boven het maaiveld, voor zover deze houtopstanden zich bevinden op erven of tuinen bij woningen.
  • - Het derde en vierde lid zijn niet van toepassing wanneer het een houtopstand betreft welke is aangeplant met een door het bevoegd gezag opgelegde herplantplicht.
  • - Het bevoegd gezag kan een herplantplicht opleggen onder nader te stellen voorschriften.
  • - Het bevoegd gezag kan toestemming geven tot direct vellen, indien sprake is van grote gevaarzetting of vergelijkbaar spoedeisend belang.

Artikel 7:2 Weigeringsgronden

  • - De vergunning kan worden geweigerd op grond van:
    • - de natuurwaarde van de houtopstand;
    • - de landschappelijke waarde van de houtopstand;
    • - de waarde van de houtopstand voor stads- en dorpsschoon;
    • - de beeldbepalende waarde van de houtopstand;
    • - de cultuurhistorische waarde van de houtopstand;
    • - de waarde voor de leefbaarheid van de houtopstand.
  • - Op de weigeringsgronden genoemd in het eerste lid is het Beleidskader Houtopstanden van de gemeente Bergen (L) van toepassing, dat een nadere uitwerking bevat van de in het eerste lid genoemde weigeringsgronden.

Artikel 7:3 Herplant- / instandhoudingsplicht

  • - Tot aan de vergunning te verbinden voorschriften kan behoren het voorschrift dat binnen een bepaalde termijn en overeenkomstig de door het bevoegd gezag te geven aanwijzingen moet worden herplant.
  • - Wordt een voorschrift als bedoeld in het eerste lid gegeven, dan kan daarbij tevens worden bepaald binnen welke termijn na de herbeplanting en op welke wijze niet geslaagde beplanting moet worden vervangen.
  • - Indien een houtopstand, waarop het verbod tot vellen als bedoeld in deze afdeling van toepassing is, zonder vergunning van het bevoegd gezag is geveld, dan wel op andere wijze teniet is gedaan, kan het bevoegd gezag aan de zakelijk gerechtigde van de grond waarop zich de houtopstand bevond dan wel aan degene die uit anderen hoofde tot het treffen van voorzieningen bevoegd is, de verplichting opleggen te herbeplanten overeenkomstig de door het bevoegd gezag te geven aanwijzingen binnen een door het bevoegd gezag te stellen termijn.
  • - Wordt een verplichting als bedoeld in het derde lid opgelegd, dan kan daarbij tevens worden bepaald binnen welke termijn na de herbeplanting en op welke wijze niet geslaagde beplanting moet worden vervangen.
  • - Indien een houtopstand, waarop het verbod tot vellen als bedoeld in deze afdeling van toepassing is, in het voortbestaan ernstig wordt bedreigd, kan het bevoegd gezag aan de zakelijk gerechtigde van de grond waarop zich de houtopstand bevind dan wel aan degene die uit anderen hoofde tot het treffen van voorzieningen bevoegd is, de verplichting opleggen om overeenkomstig de door het bevoegd gezag te geven aanwijzingen binnen een door het bevoegd gezag te stellen termijn voorzieningen te treffen waardoor de bedreiging wordt weggenomen.
  • - Degene aan wie een voorschrift dan wel verplichting als bedoeld in dit artikel is opgelegd, alsmede diens rechtsopvolger, is verplicht hieraan te voldoen.
  • - Op de herplant-/instandhoudingsplicht zoals omschreven in dit artikel is het Beleidskader Houtopstanden van de gemeente Bergen (L) van toepassing, dat een nadere uitwerking bevat van de in dit artikel omschreven herplant-/instandhoudingsplicht.

Artikel 7:4 Bescherming van bij de houtopstand voorkomende flora en fauna

Het bevoegd gezag kan aan de vergunning voorschriften verbinden ter bescherming van in- en rond de houtopstand voorkomende flora en fauna.

Artikel 7:5 Bestrijding en beteugeling van boomziekten

  • - Indien zich op een terrein een houtopstand bevindt die naar het oordeel van het bevoegd gezag gevaar oplevert voor verspreiding van een boomziekte of voor vermeerdering van ziekteverspreiders, zoals insecten, is de rechthebbende, indien hij daartoe door het bevoegd gezag is aangeschreven, verplicht binnen de bij de aanschrijving vast te stellen termijn:
    • - de houtopstand te vellen;
    • - conform richtlijnen van de gemeente de gevelde houtopstand direct zodanig te behandelen dat de verspreiding van de boomziekte wordt voorkomen.
  • - Het is verboden een gevelde houtopstand of een deel daarvan voorhanden of in voorraad te hebben of te vervoeren indien het een boomsoort betreft die de desbetreffende boomziekte kan verspreiden. Het bevoegd gezag kan ontheffing verlenen van dit verbod.

Artikel 7:6 Bescherming houtopstanden

  • - Het is verboden om houtopstanden die openbaar eigendom zijn:
    • - te beschadigen, te bekladden of te beplakken;
    • - daaraan snoeiwerk te verrichten behoudens door ambtenaren of derden ter uitoefening van de hun opgedragen boomverzorgende taak.
  • - Het is verboden om één of meer voorwerpen in of aan een openbare houtopstand aan te brengen of anderszins te bevestigen, behoudens via een ontheffing van het bevoegd gezag.

Artikel 7:7 Vervaltermijn vergunning

De vergunning, als bedoeld in artikel 7:1 vervalt indien daarvan niet binnen uiterlijk één jaar na de datum van onherroepelijk worden van de vergunning gebruik is gemaakt. In de vergunning kan van deze termijn worden afgeweken.