1. Een cliënt kan gebruik maken van een vertegenwoordiger of tussenpersoon om zijn belangen te behartigen en de aan het pgb verbonden taken uit te voeren indien:

a. deze vertegenwoordiger voldoet aan de criteria zoals beschreven in 5.1 lid 3;

b. deze vertegenwoordiger niet uit het pgb wordt betaald voor zijn werkzaamheden als vertegenwoordiger en/of dienstverlener.

c. De vertegenwoordiger niet de dienstverlener is die de maatwerkvoorziening uitvoert.