Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Paragraaf 2.5

Artikel 2.5.4.

De hoven in Zwijsen

Onderdeel van Beleidsregels ruimtelijke structuur Spoorzone 2019, deelgebied Zwijsen

Het stedenbouwkundig concept van Zwijsen bestaat uit een sequentie van afwisselde bouwvolumes en hoven met een eigen karakteristiek en gebruik. De hoven zijn gelegen tussen de hogere volumes. In de hoven staan lagere en smallere gebouwen, met een grotere afstand tot de parkeergarage. Uitzondering vormt het hof met de toerit tot de parkeergarage. In het oostelijke hof staat een hotel en het westelijk hof staat een opgetild volume met een kantoor/bedrijfsfunctie. Vanaf ooghoogte wordt met het opgetilde gebouw een visuele relatie gelegd tussen de Locomotiefboulevard en de Burgemeester Brokxlaan. De ‘openheid’ van het hof met het opgetilde gebouw versterkt de continuïteit van Locomotiefboulevard, mede in samenhang met de gewenste connectie richting Gasthuisring parallel aan de Spoordijk. Voorwaarde voor de inpassing van het opgetilde gebouw is een kwalitatief hoogwaardige doorlopende openbare ruimte onder het gebouw, als integraal onderdeel van het hof. Het opgetilde gebouw vraagt derhalve om een zorgvuldige uitwerking in relatie tot de openbare ruimte van het hof en beide doorsteken tussen het opgetilde gebouw en belendende torens. Van het opgetilde gebouw wordt uitdrukkelijk is meerwaarde beoogd. Indien de beoogde meerwaarde niet op een overtuigende wijze kan worden gerealiseerd, kan een waardig alternatief met een ‘gebouw op de grond’ wordt onderzocht. Hierbij kan bijvoorbeeld worden gedacht aan een slanke plint met overstekende bovenbouw of een gebouw met een poortfunctie naar het hof. Er is sprake van een nadrukkelijke samenhang en alzijdige oriëntatie tussen gebouwen en openbare ruimte. Niet alleen op het niveau van de wisselwerking tussen de plint van de gebouwen en buitenruimte, maar ook vanaf de hogere verdieping van de gebouwen. De hoven functioneren als collectieve ruimte van de aangrenzende gebouwen. Op deze wijze ontstaan er onderscheidende kwaliteiten in gebruik, dynamiek en verblijfsmogelijkheden. Vanuit de hoven worden relaties gelegd met de locatiespecifieke aanknopingspunten, zoals zichtlijnen, vanzelfsprekende looplijnen, verblijfskwaliteit en samenhang in inrichting en groen. Naast de positie en oriëntatie van de gebouwen aan de hoven wordt dezelfde benadering gevraagd voor de structurerende lijnen van Locomotieboulevard en de Burgemeester Brokxlaan. Aan de Burgemeester Brokxlaan wordt geanticipeerd op het afschalen van de ruimteclaim voor het autoverkeer ten gunste van vergroening en oversteekbaarheid en de relatie met de Houtloods en het Clarissenhof. Sequentie van gebouwen en hoven

Rechtspraak bij dit artikel