De volgende uitgangspunten hebben ten grondslag gelegen aan het opstellen van de wel-standsnota:
**•.** Het welstandsbeleid moet optimaal klantvriendelijk zijn en maatschappelijk draagvlak hebben.
**•.** Het beleid moet uit te leggen zijn en de uitvoering ervan moet openbaar en controleerbaar zijn.
**•.** De bestaande omgeving geldt als vertrekpunt maar niet als uitgangspunt van het wel-standsbeleid. Dat betekent dus een ontwikkelingsgericht, dynamisch en zo mogelijk stimulerend beleid. De opgenomen welstandscriteria geven de ondergrens aan die de Commissie ruimtelijke kwaliteit in de toetsing telkens dient te waarborgen waar het gaat om de kwaliteit van het ontwerp. Anderzijds dienen de criteria de planindieners al in een vroeg stadium aan het denken te zetten over kwaliteit.
**•.** De welstandscriteria moeten overzichtelijk zijn en er dient sprake te zijn van maatwerk. Dat betekent dat ze per gebied gelezen kunnen worden, ook als ze in meerdere gebieden van toepassing zijn.
**•.** De welstandsnota moet zo mogelijk verweven zijn met andere beleidsnota’s zoals beeldkwaliteit- en bestemmingplannen.