Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.5

Artikel 3.5.2

Aanvullende onderzoekseisen

Onderdeel van Beleidsnota Archeologie Gemeente Brunssum

De gemeente Brunssum hecht veel waarde aan de kwaliteit van archeologische onderzoeken die op haar grondgebied worden uitgevoerd. Ten aanzien van archeologische onderzoeken stelt zij daarom een aantal aanvullende eisen. Ieder onderzoek moet voldoen aan de op dat moment geldende Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA). Om er zeker van te zijn dat er bij onderzoek geen belangrijke archeologische feiten worden gemist, is een lijst opgesteld van uitgaven die verplicht geraadpleegd moeten worden. Dit zijn: Verhoeven, M.P.F., 2007. Hoog, middelhoog en laag; een archeologische verwachtings- en cultuurhistorische advieskaart voor de Parkstad Limburg gemeenten en de gemeente Nuth. Deelrapport I: de archeologische verwachtings- en cultuurhistorische advieskaart en Deelrapport II: Catalogus van archeologische vindplaatsen en bouwhistorische elementen RAAP-rapport 1483. Weesp. Archeologische verwachtings- en beleidskaart Brunssum, vaststellingsdatum 1 oktober 2013. En bij gravend onderzoek tevens: De Grooth, M., 2007, De Vroege Prehistorie. Deeben, J., H. Peeters, D. Raemae- kers, E. Rensink & L. Verhart, 2006. De vroege prehistorie. NOaA hoofdstuk 11 (versie 1.0). Ontleend aan http://www.noaa.nl. Enckevort, H. van, T. de Groot, H. Hiddink & W. Vos, 2006. De Romeinse tijd in het Midden-Nederlandse rivierengebied en het Zuid-Nederlands dekzand- en lössge- bied. NOaA hoofdstuk 18 (versie 1.0). Ontleend aan http://www.noaa.nl. Gerritsen, F., P. Jongste & L. Theunissen, 2006. De Late Prehistorie in Noord-, Oost- en Zuid-Nederland en het rivierengebied. NOaA hoofdstuk 17 (versie 1.0). Ontleend aan http://www.noaa.nl. Hoevenberg, J., 2007, De Romeinse tijd. Hoof, L. van, 2007. Late Prehistorie. Stoepker, H., 2007, Middeleeuwen en Nieuwe Tijd Stoepker, H., E. Rensink & E. Drenth, 2002. Behoud en onderzoek van archeologische waarden in het Maasdal in het kader van de Maaswerken en de Via Limburg: wetenschappelijk beleidsplan 2002. Rijksdienst voor het Oudheidkundig Bodemonderzoek, Amersfoort. Verhart, L. De vroege Prehistorie in Limburg; een actuele kennisstand van de vroege prehistorie in Limburg aan de hand van archeologisch onderzoek tussen 2007 en 2013. Meurkens, L. en A. Tol. De late Prehistorie in Limburg; een actuele kennisstand van de vroege prehistorie in Limburg aan de hand van archeologisch onderzoek tussen 2007 en 2013. Tichelman, G. Romeinse tijd in Limburg; een actuele kennisstand van de vroege prehistorie in Limburg aan de hand van archeologisch onderzoek tussen 2007 en 2013. De gemeente vindt het belangrijk dat bij archeologisch onderzoek lokale kennis zoveel mogelijk wordt benut. De gemeente is zich ervan bewust dat er lokaal veel kennis over het verleden aanwezig is en dat het een gemiste kans is om deze niet te benutten. Actieve participatie van de bevolking levert niet alleen inhoudelijk betere plannen op; de plannen kunnen ook rekenen op een groter maatschappelijk draagvlak. De gemeente adviseert de uitvoerende bureaus om bij interessant archeologisch onderzoek (met name gravend onderzoek) de lokale heemkundeverenigingen en amateur archeologen te benaderen om te bekijken of zij iets kunnen en willen betekenen. Het betreft vrijwilligerswerk, dat in de praktijk niet mag leiden tot vertraging. De gemeente vindt het belangrijk dat de resultaten van archeologische onderzoeken niet verscholen blijven voor de burgers. Onderzoeksbureaus zijn daarom verplicht om een samenvatting (met conclusies) in de rapportage op te nemen. Bij ieder interessant groter onderzoek is, naast een gewone samenvatting, tevens een publiekssamenvatting - liefst voorzien van een foto of kaart - vereist. Interessant onderzoek betreft veelal gravend onderzoek (proefsleuven- onderzoek, opgraving of archeologische begeleiding) waarbij interessante vondsten of resultaten zijn gedaan. Om de gegevens vervolgens gemakkelijk toegankelijk te maken, dient ieder onderzoeksrapport ook digitaal (pdf-formaat) te worden aangeleverd. Verder stelt de gemeente dat het bij opgravingen van enige omvang of bij bijzondere vondsten gewenst is dat een open dag wordt georganiseerd. De coördinatie hiervan gebeurt door regioarcheoloog, in samenwerking met betreffende uitvoerende instantie en opdrachtgever.

Rechtspraak bij dit artikel