1. Als dieren waarop het bepaalde van dit besluit van toepassing is, worden in ieder geval de volgende diersoorten aangeduid:
a) honden;
b) hanen;
c) ander pluimvee als bedoeld in artikel 1, eerste lid van de Gezondheids- en Wel-zijnswet voor dieren;
2. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd andere diersoorten aan te wijzen dan hiervoor vermeld als de omstandigheden daartoe aanleiding geven en zulks in het belang van de openbare gezondheid is vereist of ter voorkoming van directe overlast aan omwonenden.