Naar hoofdinhoud
In dit hoofdstuk wordt de globale ontstaans- en bewoningsgeschiedenis van de Hoeksche Waard behandeld. Allereerst wordt de vorming van het natuurlijke landschap en bodem beschreven. Het is belangrijk om zich een beeld te vormen van het landschap, omdat dit van invloed kan zijn geweest op keuzes van de mens om locaties te kiezen voor onder andere nederzettingen, grafvelden en akker- en weidegronden. Daarnaast heeft de mens op zijn beurt het landschap beïnvloed en omgevormd tot een cultuurlandschap. De bewoningsgeschiedenis zal worden beschreven aan de hand van waarnemingen en diverse in het onderzoeksgebied uitgevoerde archeologische onderzoeken. Veruit de meeste waarnemingen en onderzoeken zijn geregistreerd in het noordoosten van de Hoeksche Waard, met name rondom de Binnenbedijkte Maas en verder op de Binnenmaas/Puttershoekse Stroomrug. Deze onevenwichtige spreiding heeft waarschijnlijk twee oorzaken. Enerzijds is er in dit deel van het eiland sprake van de grootste druk op de ruimte (onder andere door de aanleg van de Hoge Snelheids Lijn tussen 2000 en 2006), waardoor er in de geest van het Verdrag van Valletta (Malta) uit 1992 relatief veel archeologische onderzoeken zijn verricht. Anderzijds is het juist dit gedeelte van het eiland waar op basis van in het verleden verricht onderzoek en de op de Binnenmaas/Puttershoekse Stroomrug aangetoonde archeologische waarden de kans op het aantreffen van archeologische resten van oudsher (terecht) hoog werd ingeschat. Ten onrechte kan hierdoor de suggestie worden gewekt dat voor het zuiden en westen van het eiland, waar tot op heden relatief weinig (prehistorische) resten zijn aangetroffen, een lage trefkans geldt. Echter, het relatief weinig aantreffen van deze resten kan zijn veroorzaakt door het feit dat hier tot op heden relatief weinig onderzoek is uitgevoerd. De mogelijkheid bestaat dat er wellicht nog veel onontdekte resten liggen.

Rechtspraak bij dit artikel