Om te bepalen of en welke vorm van vervoer bij dagbesteding voor de cliënt toegankelijk en passend is, worden, naast het Algemene toetsings- en afwegingskader (artikel 6), de volgende aspecten getoetst en/of gewogen:
aard van de beperking: De cliënt is niet (geheel) in staat om zelfstandig of met behulp van de eigen leefomgeving de locatie van de ondersteuning te bereiken.
vervoer bij dagbesteding: wanneer een cliënt voor de ondersteuning zich niet op eigen kracht naar de locatie kan begeven waar de ondersteuning wordt geleverd, is de zorgaanbieder verantwoordelijk voor het vervoer. Hiervoor is de inzet van een gekwalificeerde chauffeur of medewerker vereist.
Om te bepalen of en welke vorm van vervoer bij begeleiding groep of kortdurend verblijf voor de cliënt toegankelijk en passend is, worden naast het Algemene toetsings- en afwegingskader (artikel 6) ook het wegingskader over de maatwerkvoorziening Vervoer toegepast (artikel 24).
vormen van vervoer: er zijn 2 vormen van vervoer bij begeleiding groep en kortdurend verblijf, basis en speciaal, waarbij vervoer basis het uitgangspunt is. Speciaal wordt alleen toegekend als cliënt is aangewezen op het gebruik van een rolstoel of er sprake is van ernstige gedragsproblematiek waardoor vervoer tegelijk met anderen niet mogelijk is.
HOOFDSTUK 5
Artikel 20
Vervoer bij Begeleiding groep en Kortdurend Verblijf
Onderdeel van Beleidsregels Wmo gemeente Smallingerland 2022