Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2

Jeugdhulpvoorzieningen

Onderdeel van Beleidsregels Jeugdhulp gemeente Smallingerland 2022

Er is onderscheid gemaakt tussen algemene voorzieningen en maatwerkvoorzieningen. Voor een deel van de hulpvragen kunnen ouder(s) en/of jeugdigen terecht bij een algemene voorziening. Hiervoor is geen verwijzing of toekenning nodig van het college. De jeugdige en zijn ouders kunnen voor deze vorm van jeugdhulp rechtstreeks contact opnemen met de voorziening. Een maatwerkvoorziening is niet vrij toegankelijk, hiervoor is een verwijzing nodig. De gemeente Smallingerland biedt de volgende vormen van ondersteuning middels een algemene voorziening: Preventieve jeugdzorg: waaronder publieke jeugdgezondheidszorg (via GGD Fryslân) en het gesubsidieerde preventief aanbod Jeugd. Cliëntondersteuning: onafhankelijk geven van informatie, advies en korte ondersteuning, waarbij het belang van de jeugdige het uitgangspunt is, ten behoeve van het verkrijgen van (integrale) ondersteuning of het uitoefenen van de rechten van de jeugdige en/of ouder(s) hierbij. Basisvoorzieningen; alle voorzieningen in het voorliggende veld, al dan niet (mede) bekostigd door de gemeente, die erop gericht zijn om veilig en gezond opgroeien (mede) mogelijk te maken. Hierbij kan gedacht worden aan jeugd- en jongerenwerk, sociaal cultureel werk, sport- en vrijetijdsvoorzieningen maar ook activiteiten die vanuit vrijwilligers(-organisaties) en buurt-of wijkinitiatieven worden ontplooid. Mantelzorgondersteuning: ondersteuning ten behoeve van de mantelzorger met als doel het blijvend kunnen bieden van de mantelzorg en het voorkomen van overbelasting van de mantelzorger, door waar nodig (deels of tijdelijk) taken over te dragen aan een vrijwilliger of professional. De gemeente Smallingerland biedt de volgende vormen van ondersteuning middels een maatwerkvoorziening: Dyslexiezorg: ondersteuning voor jeugdigen met (een vermoeden van) ernstig enkelvoudige dyslexie (EED), in de vorm van dyslexieonderzoek en/of behandeling. Dyslexiezorg wordt geboden aan jeugdigen in de leeftijd van 7 tot en met 12 jaar, dan wel aan jeugdigen waarvan de dyslexiezorg vóór de 13e verjaardag van de jeugdige is gestart. Er is sprake van dyslexie wanneer bij een jeugdige lezen, spellen en schrijven, gezien de leeftijd en het onderwijsniveau, te moeizaam gaan terwijl het kind wel een gemiddelde intelligentie heeft. Er is alleen sprake van EED als er volgens het Protocol Dyslexie Diagnostiek en Behandeling 2.0 een diagnose is gesteld en er geen andere oorzaken zijn gevonden die de problemen kunnen verklaren. Pleegzorg: ondersteuning waarbij pleegouders de jeugdige verblijf, verzorging en opvoeding bieden in combinatie met professionele begeleiding van het pleegkind, de pleegouders en de biologische ouders door een pleegzorgaanbieder. Pleegzorg kan zowel tijdelijk als langdurig en zowel 24/7 als in deeltijd of weekendopvang (respijtzorg) geboden worden. Een pleeggezin kan zowel een gezin uit het pleeggezinnenbestand van een voorziening voor pleegzorg zijn, alsook een gezin uit het eigen netwerk van familie of bekenden. Specialistische jeugdhulp: alle ambulante jeugdhulp en jeugdhulp met verblijf, niet zijnde dyslexiezorg, pleegzorg of hoog specialistische jeugdhulp. Specialistische jeugdhulp kan ingezet worden in de vorm van een traject gericht op herstel of een duurzaam traject. Een duurzaam traject zal meer gericht zijn op stabilisatie en een mate van verbetering en niet op volledig herstel. Er kan maximaal 1 traject per jeugdige ingezet worden, maar er kunnen binnen één gezin wel meerdere trajecten voorkomen. Ambulante jeugdhulp betreft jeugdhulp die op vaste of onregelmatige tijden plaats vindt waarbij de zorgaanbieder de jongere bezoekt in diens eigen omgeving en/of de jongere zich voor behandeling verplaatst naar de zorgverstrekker of elders (school, kinderdagverblijf e.d.), zonder opname met overnachting. Bij zeer intensieve ambulante trajecten is het mogelijk om het component ThuisPLUS-jeugd aan het ondersteuningsprofiel toe te voegen ter voorkoming van opname. Bij Jeugdhulp met verblijf verblijft een jeugdige, op vrijwillige of gedwongen basis, in een (open) instelling. Verblijf wordt alleen als component in combinatie met een ondersteuningsprofiel verstrekt en kent de volgende drie intensiteiten: Laag, Middel en Hoog. Binnen Specialistische Jeugdhulp zijn de volgende ondersteuningsprofielen vastgesteld, conform de geldende inkoop: Behoefte aan het verbeteren van psychosociaal functioneren jeugdige én verbeteren van gezinscommunicatie. Behoefte aan het vergroten van specifieke opvoedingsvaardigheden ouders én hulp vanwege kind eigen problematiek. Behoefte aan vergroten van specifieke opvoedingsvaardigheden van ouders met een beperking. Behoefte aan het vergroten van specifieke opvoedingsvaardigheden voor ouders met eigen problematiek én hulp voor de jeugdige bij zijn ontwikkeling. Behoefte aan het verminderen van problematiek en verbeteren van het functioneren van de jeugdige door middel van zorg en behandeling. Behoefte aan het leren van vaardigheden en verbeteren van functioneren voor jeugdige, rekening houdend met verminderen van eigen problematiek van de ouders en het waarborgen van de veiligheid van de jeugdige. Behoefte aan begeleiding en behandeling in samenhang met een verstandelijke beperking. Behoefte aan begeleiding en behandeling in samenhang met een verstandelijke beperking én gedragsproblematiek. Behoefte aan begeleiding vanwege een lichamelijke beperking. Behoefte aan leren van vaardigheden en verbeteren functioneren voor 0-6 jarigen binnen het gezin. Rekening houdend met het verminderen van eigen problematiek van de ouders en het waarborgen van de veiligheid van het jonge kind. Hoogspecialistische jeugdhulp: zeer complexe, intensieve specialistische jeugdhulp, waarbij al dan niet gedwongen een klinisch vangnet (Jeugdzorg Plus) setting, een Driemilieuvoorziening (of vergelijkbare intramurale voorziening) noodzakelijk is. Het klinische vangnet is structureel en continu beschikbaar. Er is sprake van meervoudige ernstige problematiek, die vraagt om een multidisciplinaire aanpak vanuit meerdere jeugdhulpdisciplines. Crisishulp: ondersteuning die directe inzet vraagt om de veiligheid van de jeugdige en/of ouder(s) te garanderen. Dit kan zijn in situaties waarbij gevaar voor een jeugdige dreigt door ernstige verwaarlozing, fysiek geweld of seksueel misbruik, situaties waarin een ouder of jeugdige dreigt met zelfdoding of een psychose heeft. Crisishulp kan zowel ambulant als residentieel zijn. Jeugdbescherming: Ondersteuning in de vorm van jeugdbeschermingsmaatregelen. Een (Voorlopige) Ondertoezichtstelling en een Gezag beëindigende maatregel zijn jeugdbeschermingsmaatregelen. Deze maatregelen kan de rechter opleggen als vrijwillige hulp niet toereikend is en de jeugdige ernstig bedreigd wordt in zijn ontwikkeling. Soms woont een kind daarom (tijdelijk) niet meer thuis. Gezinsvoogden van een Gecertificeerde Instelling begeleiden een gezin bij de opvoeding, tot de ouders dit weer zelfstandig kunnen. Jeugdreclassering: Ondersteuning in de vorm van intensieve begeleiding en controle voor jongeren die veroordeeld zijn of verdacht worden van een strafbaar feit. Dit kan zowel op basis van een proces-verbaal van de politie als van de leerplichtambtenaar zijn. De jeugdreclassering wordt uitgevoerd door een Gecertificeerde Instelling of de volwassenreclassering.

Rechtspraak bij dit artikel