Nadat er een aanvraag gedaan is zal er onderzoek plaatsvinden. Hierbij wordt onderzocht welke ondersteuningsbehoefte er al dan niet is. Dit onderzoek wordt gedaan door, wanneer mogelijk, in gesprek te gaan met ouder(s) en/of jeugdige. Er wordt indien nodig informatie opgevraagd bij betrokken professionals (waaronder leerkrachten en hulpverleners) en indien nodig kan er medisch advies gevraagd worden van een deskundige. Wanneer aanwezig geldt het familie groepsplan als basis van het onderzoek.
Bij de start van het onderzoek zal de identiteit van de jeugdige en ouder(s) vastgesteld worden. Dit kan gedaan worden aan de hand van een door hen ter inzage verstrekt document als bedoeld in artikel 1 van de wet op de identificatieplicht (onder ander middels een ID-kaart of paspoort).
Aan de hand van het algemeen toetsings- en afwegingskader (zie artikel 12) wordt onderzocht of de jeugdige en/of ouder(s) ondersteuning nodig heeft en zo ja, welke vorm van ondersteuning.
Het onderzoek wordt uitgevoerd op basis van de volgende processtappen:
Allereerst wordt vastgesteld wat de eigenlijke ondersteuningsvraag van de jeugdige en/of ouder(s) is.
Vervolgens wordt vastgesteld wat de aard van de opgroei- en opvoedproblematiek is. Er wordt gekeken naar het 'gewenste resultaat'. Oftewel; hoe zouden jeugdige/ouder(s) de situatie graag willen zien in de toekomst.
Vervolgens wordt vastgesteld welke ondersteuning nodig is om het gewenste resultaat te bereiken en in welke mate de ondersteuning nodig is.
Vervolgens wordt vastgesteld welk aandeel de jeugdige en/of ouder(s) en/of het sociaal netwerk vanuit eigen kracht in de benodigde ondersteuning kan hebben.
Indien de mogelijkheden van de jeugdige en/of ouders ontoereikend zijn, wordt gekeken welke vorm van ondersteuning passend is. Dit kan een individuele maatwerkvoorziening zijn.
Het onderzoek naar de ondersteuningsbehoefte wordt uitgevoerd door Carins. Hierbij wordt gebruik gemaakt van de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling.
Voor het onderzoek naar de ondersteuningsbehoefte en besluitvorming geldt een beslistermijn van 8 weken.
Indien vanwege zorgvuldigheid van het onderzoek de termijn van 8 weken niet gehaald wordt, dan treedt degene die het onderzoek uitvoert in overleg met de jeugdige en/of ouder(s) over de verlenging van de termijn. De beslistermijn kan eenmaal verlengd worden met maximaal 8 weken. Dit wordt vervolgens schriftelijk bevestigd, onder vermelding van de termijn waarbinnen het onderzoek naar verwachting wel is afgerond.
Indien er sprake is van een jeugdige en/of ouder(s) die al uitgebreid bekend is vanwege een eerder onderzoek naar de ondersteuningsbehoefte, dan kan dit een reden zijn om af te zien van nader onderzoek. Dit dient altijd in overleg en met goedkeuring van de jeugdige en/of ouder(s) plaats te vinden.
In afwijking op lid 4 maakt in het geval van een melding bij de (huis)arts, medisch specialist, jeugdarts, Gecertificeerde Instelling of Rechtbank de ontvanger een professionele afweging van de benodigde ondersteuning en kan deze direct doorverwijzen naar jeugdhulp.
Hoofdstuk 4
Artikel 7
Onderzoek naar ondersteuningsbehoefte.
Onderdeel van Beleidsregels Jeugdhulp gemeente Smallingerland 2022