Bij plusmaatregelen gaat het om niet gangbare maatregelen die al vanuit bestaande wettelijke en beleidskaders nodig zijn. Aanvullende maatregelen zijn extra maatregelen ter verbetering van de ruimtelijke kwaliteit op het gebied van landschappelijke inpassing, milieu en dierenwelzijn. Gemeenten kunnen in hun gemeentelijke Plussenbeleid aangeven of in bepaalde gebieden aandachtspunten worden gezien voor de inhoudelijke focus van deze aanvullende maatregelen vanuit een goede ruimtelijke ordening. Deze inhoudelijke focus is sturend voor de aard van de genoemde aanvullende maatregelen passend bij een gebied. Voor de Achterhoek geeft de provincie aan dat zij verwacht dat de gemeenten sturen op extra maatregelen die de landschappelijke kwaliteit verbeteren en sloop bevorderen.
De te nemen aanvullende duurzaamheidsmaatregelen moeten passen binnen een goede ruimtelijke ordening. Dit is afhankelijk van het gebied waar de uitbreiding plaatsvindt en is dus maatwerk. Hieronder worden voorbeelden van plusmaatregelen genoemd.
Ruimtelijke kwaliteit
Investeringen in:
Landschappelijke versterking door middel van landschapselementen;
Aanleggen van een fruitboomgaard;
Loop- en wandelpaden;
Bezichtigingsruimte;
Innovatieve architectuur van stalconcepten;
Bijdrage aan een ecologische verbindingszone;
Opvang hemelwater: afkoppelen bestaand verhard oppervlak;
Sloop van vrijkomende agrarische bebouwing.
Gemeente Oost Gelre wil dat sloop binnen dezelfde gemeente plaatsvindt en bij voorkeur zo dicht mogelijk bij het agrarische bedrijf.
Wanneer gekozen wordt voor landschappelijke versterking als plusmaatregel dan kan de afwaardering van de grond ook worden meegerekend, wanneer de bestemming wordt gewijzigd van ‘agrarisch’ naar ‘Natuur’. Er zal dan geen wijzigingsbevoegdheid worden opgenomen om terug te gaan naar de agrarische bestemming, zodat de grond ook echt gebruikt wordt voor de landschappelijke inpassing. In dat geval zullen de volgende normbedragen worden gehanteerd:
Agrarisch zonder bouwvlak €7
Natuur €1
Milieu
Investeringen in:
Bovenwettelijke maatregelen ter beperking van de milieugevolgen (o.a. geur, geluid, fijnstof, licht, trilling, emissie) van het agrarisch bedrijf die een aantoonbare verbetering van de ruimtelijke kwaliteit in de omgeving tot gevolg hebben;
Het realiseren van installaties voor duurzame energieopwekking waarbij de opgewekte energie volledig ten goede komt aan de omgeving.
Dierenwelzijn
Oppervlakte;
Groepsgrootte;
Stalinhoud;
Voorkomen hittestress;
Hygiënesluis;
Duurzame vloeren;
Extra brandpreventie.
Voorbeelden van maatregelen op het gebied van ruimtelijke kwaliteit, milieu en dierenwelzijn zijn ook te vinden in de Maatlat Duurzame Veehouderij en het Beter Leven Keurmerk (sterrensysteem) en Milieukeur. Deze certificaatsystemen zijn waardevol omdat zij aangeven wat in algemeenheid duurzamere stalconcepten zijn. Zij geven ondernemers houvast om duurzamere stalconcepten toe te passen door fiscaal voordeel te bieden. De controle op de uitvoering van de maatregelen wordt door een onafhankelijke instantie uitgevoerd. Jaarlijks worden deze systemen met stakeholders en ondernemers besproken en vinden er actualisaties plaats.
Aanvullende maatregelen
De plusmaatregelen moeten ruimtelijk relevant zijn en bovendien verder gaan dan de eisen die normaal gesproken ook worden gesteld bij een uitbreidingsplan. Zo moet het bijvoorbeeld niet gaan om de gebruikelijke landschappelijke inpassing maar om een extra investering voor ruimtelijke kwaliteit. De provincie geeft aan dat de volgende maatregelen niet zijn aan te merken als een extra maatregel:
goede erfinpassing
rekening houden met landschappelijke en natuurkwaliteiten
voldoen aan milieunormen of aan normen voor dierenwelzijn
emissie reducerende milieutechnieken die al worden voorgeschreven in (wettelijke) bepalingen.
Daarnaast beschouwt de provincie volksgezondheid niet als ‘plus’ maar als een basiskwaliteit.