Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.3

Artikel 3.3.1

Samenwerkingsvormen bij actief grondbeleid

Onderdeel van Geactualiseerde nota grondbeleid 2016

In paragraaf 3.1 is actief grondbeleid aan de orde geweest. Bij deze vorm van grondbeleid kan de gemeente als eigenaar van de gronden maximale regie voeren over de ruimtelijke ontwikkeling; dit is het traditionele model. Inherent aan dit model is dat alle risico’s, de positieve en de negatieve, die bij een grondexploitatie horen voor rekening van de gemeente zijn. Hier staat tegenover dat een positief resultaat uit de grondexploitatie ten gunste komt aan de Algemene reserve van de gemeente en, voor zover vrij besteedbaar, inzetbaar is voor andere gemeentelijke beleidsdoelstellingen. Indien de gemeente de gronden nog niet allemaal in eigendom heeft zijn er, naast het traditioneel model, twee samenwerkingsvormen die passen binnen actief grondbeleid. Bouwclaimovereenkomst; Joint-venture; Exploitatieplan (conform art. 6.12 e.v. Wro). Ad 1. Bouwclaimovereenkomst Hierbij verplichten de private partijen die gronden hebben verworven zich om deze tegen een vaste prijs per vierkante meter aan de gemeente over te dragen, in ruil waarvoor de marktpartijen te zijner tijd een bepaald aantal bouwrijpe kavels krijgen toebedeeld. De gemeente maakt de gronden vervolgens bouwrijp. Het grondexploitatierisico berust in dit samenwerkingsmodel in beginsel volledig bij de gemeente. De grondverwerving is voor het overige, evenals het bouw- en woonrijp maken, een gemeentelijke zaak. Ad 2. Joint-venture Het joint-venture model is het model waarbij gemeente en marktpartij(en) gezamenlijk een grondexploitatiemaatschappij (GEM) oprichten, waaraan de gronden binnen het plangebied (in economische eigendom) worden overgedragen. Deze onderneming is ook verantwoordelijk voor het bouw- en woonrijp maken en voor de gronduitgifte en draagt daarmee in feite het karakter van een geprivatiseerd grondbedrijf op locatieniveau. Het grondexploitatierisico wordt in dit samenwerkingsmodel verdeeld tussen gemeente en marktpartijen in de verhouding waarin deze partijen participeren in de GEM. Ad 3. Exploitatieplan Ondanks dat het exploitatieplan geen samenwerkingsvorm is, zoals de bouwclaimovereenkomst en de joint-venture, wordt deze hier wel benoemd. Het is immers een instrument dat, net als de samenwerkingsvormen, toeziet op het kostenverhaal en eventueel op het stellen van locatie-eisen door de gemeente. Het verschil is dat het exploitatieplan eenzijdig door de gemeente wordt opgelegd, indien het kostenverhaal niet ‘anderszins verzekerd’ is via een anterieure overeenkomst. Het vaststellen van een exploitatieplan neemt niet weg dat de gemeente een actief grondbeleid wil voeren. De gemeente kan, na het vaststellen van het exploitatieplan, alsnog overgaan tot het verwerven van de gronden die zij niet in eigendom heeft.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel