Bij de uiterste vorm van facilitair grondbeleid laat de gemeente de ontwikkelingen over aan de marktpartij of particuliere partij, de zogenaamde private zelfrealisatie. De gemeente verleent medewerking aan een ontwikkeling en realisatie van een project door het sluiten van een (anterieure) overeenkomst. De gemeente beperkt haar rol tot het planologisch mogelijk maken van de ontwikkeling.
Voor het voeren van een facilitair grondbeleid is het van belang om optimaal gebruik te maken van de instrumenten die de Wet ruimtelijke ordening, met als onderdeel de grondexploitatiewet, biedt. Dit is enerzijds de anterieure overeenkomst en anderzijds het exploitatieplan. Het uitgangspunt van de wet is dat de gemeente verplicht is tot kostenverhaal.
De volgende (samenwerkings)vormen van facilitair grondbeleid, naast de private zelfrealisatie, zijn mogelijk:
Concessie-overeenkomst
Exploitatieplan (conform art. 6.12 e.v. Wro)
Ad 1. Concessie-overeenkomst
Het concessiemodel is het model waarbij de marktpartijen de gronden op een ontwikkellocatie in eigendom krijgen, door zelf te verwerven van oorspronkelijke grondeigenaren en/of de gronden van de gemeente te kopen. Het bouw- en woonrijp maken gebeurt vervolgens voor eigen rekening en risico van de marktpartij. Bij het concessiemodel geschiedt ook de inrichting van het openbare gebied - binnen de door de gemeente te stellen kwalitatieve randvoorwaarden - voor rekening en risico van de private partij.
Nadat het project is afgerond wordt de openbare ruimte overgedragen aan de gemeente.
Ad 2. Exploitatieplan
Ondanks dat het exploitatieplan geen samenwerkingsvorm is, zoals het concessiemodel, kan deze ook hier worden genoemd. Het is immers een instrument dat, net als de concessieovereenkomst, toeziet op het kostenverhaal en eventueel op het stellen van locatie-eisen door de gemeente. Het verschil is dat het exploitatieplan eenzijdig door de gemeente wordt opgelegd, indien het kostenverhaal niet ‘anderszins verzekerd’ is via een anterieure overeenkomst. In tegenstelling tot het exploitatieplan bij actief grondbeleid, zal het exploitatieplan zich, ten aanzien van het kostenverhaal, beperken tot de plankosten van de gemeente. De andere kosten zijn immers voor rekening en risico van de marktpartij.
In bijlage 1zijn de vormen van samenwerking en het exploitatieplan weergegeven. In dit figuur wordt op een overzichtelijke wijze weergeven wat de eigenschappen van de samenwerkingsvormen bij actief dan wel facilitair grondbeleid en het toepassen van het exploitatieplan zijn.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.3
Artikel 3.3.2
Samenwerkingsvormen bij facilitair grondbeleid
Onderdeel van Geactualiseerde nota grondbeleid 2016