Naar hoofdinhoud
Het uitgangspunt is dat het in te zetten arrangement gericht is op herstel. Het gaat immers om hulp vallend onder de Jeugdwet. Zou er in het geheel geen perspectief zijn op herstel dan is de Wet langdurige zorg van toepassing. Niettemin is er ook onder de Jeugdwet wel een accentverschil aan te brengen tussen: hulp gericht op duidelijke ontwikkeldoelen, waarbij er voor de jeugdige/het gezin nog een uitgesproken ontwikkelperspectief is en hulp gericht op stabilisatie. Dat wil zeggen het behouden en versterken van de eigen zelfredzaamheid en het vergroten van sociale participatie. Er wordt rekening gehouden met de eventuele beperkingen van de jeugdige/het gezin. Eventueel kan na een hersteltraject een vervolg worden ingezet op duurzame begeleiding. Bij een hersteltraject is er geen einddatum vastgesteld. Het traject wordt pas afgesloten als de resultaten uit het perspectiefplan zijn behaald. Bij een duurzaam traject wordt de beschikking voor maximaal een jaar afgegeven. Hier kan van worden afgeweken indien, passend bij de chronische problematiek, resultaten en noodzakelijke hulp, de jeugdconsulent het noodzakelijk acht voor de jeugdige en/of ouder(s) de beschikking voor langer dan een jaar af te geven. Indien een jeugdige binnen een half jaar na vaststelling van de noodzaak tot inzet jeugdhulp de leeftijd van 18 jaar bereikt, en de jeugdhulp valt met het bereiken van de leeftijd van 18 jaar onder een andere wetgeving, zal er een duurzaam traject worden toegekend, ondanks dat de resultaten herstelgericht zijn.

Rechtspraak bij dit artikel