Naar hoofdinhoud
In de toekenning van jeugdhulp is het mogelijk één arrangement te kiezen waarbinnen de zorgaanbieder alle zorg levert om het resultaat te behalen. Er zijn extra componenten die aanvullend op het arrangement toegekend kunnen worden. Dit dient wel in het perspectiefplan meegenomen en gewogen te worden. Het extra component maakt dan deel uit van de toekenning of afwijzing. ThuisPLUS Wanneer gedurende een bepaalde periode in een traject gericht op herstel extra intensieve ambulante begeleiding en/of dagbesteding nodig is, kan boven het arrangement ThuisPLUS worden ingezet, aanvullend aan het ondersteuningsprofiel. Het is aan de zorgaanbieder om aan te geven of de ThuisPLUS component noodzakelijk is. De jeugdconsulent bepaalt of het ThuisPLUS component ingezet mag worden. Voorwaarde voor deze inzet is dat de methode is beschreven in het perspectiefplan. Vervoer Het vervoer van een jeugdige van en naar school valt onder leerlingenvervoer en niet onder het bereik van de Jeugdwet. (zie Rechtbank Zeeland-West-Brabant 27-2-2017, ECLI:NL:RBZWB:2017:1156 en Rechtbank Noord-Holland 13-4-2017, ECLI:NL:RBNHO:2017:2916 ) De Jeugdwet hanteert het uitgangspunt eigen kracht. Dat betekent concreet het volgende voor het vervoer in de praktijk: Vervoer door ouders/verzorgers dan wel eigen netwerk Het vervoer van en naar een jeugdhulplocatie is in beginsel de verantwoordelijkheid van ouders/verzorgers. In de praktijk komt het vaak voor dat ouders werken of zorg dragen voor meerdere kinderen en dit als reden aanvoeren waarom zij niet voor begeleiding van het vervoer van hun kind kunnen zorgen. Dit kan echter nog gezien worden als eigen kracht. Van iedere ouder wordt verwacht dat zij kinderen van en naar school, (sport) clubs en dergelijke brengen. De beperking van een kind maakt niet dat ouders deze verplichting niet meer hebben als het gaat om hulp aan hun kind. Indien de mogelijkheden van jeugdige, ouders en het sociaal netwerk ontoereikend zijn om het vervoer zelf te regelen, wordt onderzocht wat mogelijk is vanuit de Jeugdwet. Vervoer door zorgaanbieder Binnen de regio West-Friesland zijn de tarieven berekend op het aanbieden van jeugdhulp exclusief vervoer. Deze berekening gaat er vanuit dat de ouders/verzorgers of het netwerk het vervoer regelt. Alleen in uitzonderingsgevallen kan de zorgaanbieder hierin voorzien. Hierbij gaat het wel om vervoer binnen de regio West-Friesland. De zorgaanbieders regelen het vervoer in overleg met de jeugdige en/of ouder(s) en ontvangen hiervoor een extra component bovenop het arrangement. In het perspectiefplan wordt onderbouwd welke opties voor eigen mogelijkheden en algemene voorzieningen zijn onderzocht en waaruit blijkt dat deze niet toereikend of beschikbaar zijn. Vervoer buiten de regio en rolstoelvervoer: Voor vervoer buiten de regio Westfriesland en rolstoelvervoer, waarin de jeugdige, ouders of het netwerk de jeugdige niet zelf kunnen vervoeren wordt gezocht naar een oplossing. Verblijf Alle arrangementen zijn voor ambulante hulpverlening (behandeling en begeleiding). Is voor het bereiken van de beoogde resultaten nodig dat de jeugdige tijdelijk in een voorziening verblijft, dan kan een verblijfscomponent worden toegevoegd aan het gekozen arrangement. Hier wordt een bepaalde duur voor afgesproken. Medicatiecontrole Na beëindiging van een arrangement kan medicatiecontrole worden ingezet wanneer slechts de medicatiecontrole nodig is. Medicatiecontrole kan ook als extra component worden ingezet gestapeld op een arrangement. De medicatiecontrole hoeft niet plaats te vinden bij de hoofdaannemer. Er wordt altijd afgewogen door de zorgaanbieder of er eventueel een overdracht kan plaatsvinden naar de huisarts.

Rechtspraak bij dit artikel