De beleidsvisie externe veiligheid bestaat uit drie delen: een beleidsvisie, een basisdocument en een werkprogramma. Er is een duidelijke splitsing gemaakt in strategie, visie en beleid enerzijds en de operationele uitvoering anderzijds. In de beleidsvisie is het externe veiligheidsbeleid vastgelegd, is het doel en het gebiedsgerichte ambitieniveau bepaald en zijn de deelnemers benoemd.
De beleidsvisie wordt gevolgd door een basisdocument. Hierin zijn binnen de relevante aandachtsgebieden van externe veiligheid de acties voor de komende jaren aangestipt.
De aandachtsgebieden hebben betrekking op de omgang met risicovolle bedrijven, het transport van gevaarlijke stoffen, externe veiligheid in relatie tot de ruimtelijke ordening en risicocommunicatie. Hierdoor ontstaat er een samenhang tussen beleid en uitvoering. De aanpak van externe veiligheid is geen statisch geheel, maar vraagt om een dynamische benadering. Het externe veiligheidsbeleid verandert immers volop en de ontwikkelingen binnen een gemeente staan ook niet stil.
Tot slot volgt er een werkprogramma waarin de actiepunten van uit het basisdocument worden uitgewerkt (SMART). Het doel hiervan is tweeledig. Ten eerste worden hierin de acties uit het basisdocument nader uitgewerkt, en ten tweede is men hiermee verzekerd van een goede aansluiting bij de provinciale doelstellingen op het gebied van externe veiligheid.
Alle maatregelen in het werkprogramma worden jaarlijks geëvalueerd. Deze evaluatie wordt ter beoordeling aan het college voorgelegd. Na vier jaar worden de wijze van integraal werken en de verschillende externe veiligheidsthema’s geëvalueerd, en wordt op basis daarvan het nieuwe externe veiligheidsbeleid bijgesteld en geformuleerd.
Hoofdstuk
Artikel 1.5.
De opbouw van de beleidsvisie
Onderdeel van Beleidvisie Externe Veiligheid Gemeenten Hoeksche Waard (beleidsvisie en basisvisie)