In deze beleidsregel wordt verwezen naar:

  • - de begripsbepalingen en berekeningswijze van de geurbelasting uit de Wet geurhinder en veehouderij (Wgv);
  • - de beoordeling of er sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat in het kader van “een goede ruimtelijke ordening”, zoals bedoeld in de Wet ruimtelijke ordening (Wro)
  • - de overeenkomstige bepalingen in de Omgevingswet (Ow) en haar uitvoeringsregels, waaronder het Besluit Kwaliteit Leefomgeving, na inwerkingtreding van de Omgevingswet.