Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Paragraaf 8.6

Artikel 8.6.3

Verstoorderdeel

Onderdeel van Beleidsnota archeologie 2011

Indien de kosten van het totale archeologisch onderzoek (inclusief beschermende maatregelen) de redelijkheid overtreffen, kunnen de gemeente (en provincie) de kosten voor een vergunning-aanvrager compenseren. Deze overheidsorganen zijn immers verantwoordelijk voor de voorgeschreven maatregelen (opgraving) en dus voor het ontstaan van de kosten. Als ook daarna nog sprake blijft van extreme kosten dan kan de opgraving in aanmerking komen voor een rijksbijdrage. Deze specifieke uitkering geldt overigens alleen voor de kosten die overblijven nadat de drempelbijdrage en het verstoordersdeel zijn afgetrokken van de totale opgravingkosten. Drempelbijdrage De drempelbijdrage is het minimale bedrag dat de gemeente of provincie voor eigen rekening dient te nemen, indien zij besluit de opgravingkosten van de verstoorder te compenseren. Op dit moment is voor een gemeente de drempelbijdrage vastgesteld op € 2,50 vermenigvuldigd met het inwoneraantal van de gemeente (Bamz, art. 2). Wanneer de opgravingkosten minus het verstoordersdeel niet boven de berekende drempelbijdrage uitkomen, bestaat er voor het Rijk geen aanleiding om de compensatiekosten mee te financieren. De gemeente wordt dan in staat geacht zelf de kosten te compenseren.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel