1. Het raadsvolgerschap eindigt:
a. Op eigen verzoek of op verzoek van de fractievoorzitter van de desbetreffende fractie. De fractievoorzitter doet daarvan schriftelijk mededeling aan de griffier. De griffier deelt de beëindiging van het raadsvolgerschap mee aan de voorzitter en leden van de raad.
b. Als de raad de benoeming van de raadsvolger intrekt, indien niet meer aan de vereisten als bedoeld in artikel 2 lid 2 en/of artikel 6 van deze verordening wordt voldaan.
c. Van rechtswege bij beëindiging van de zittingsperiode van de gemeenteraad.
2. Bij beëindiging van het raadsvolgerschap is de raadsvolger van rechtswege geen commissielid meer.