Ons beleid voor het plaatsen van oplaadpalen voor elektrische voertuigen luidt als volgt:
Voor het faciliteren van oplaadpunten in de openbare ruimte hanteren wij de volgende uitgangspunten, zoals door ons vastgelegd in het oplaadpuntenbeleid (30 juni 2014):
E-rijders die niet kunnen parkeren en opladen op eigen terrein dienen gebruik te maken van een oplaadpunt in de openbare ruimte. Wij staan alleen opladen van elektrische voertuigen toe via oplaadpunten die daarvoor bedoeld zijn. Dat betekent dat andere oplossingen niet zijn toegestaan. Wij zullen hierop handhaven.
Wij zijn bereid om investeringen te doen voor het realiseren van oplaadpunten in de openbare ruimte in de vorm van middelen om het parkeervak aan te passen (indien nodig) en capaciteit om de aanvraag af te handelen.
Voor het realiseren van de oplaadpunten in de openbare ruimte willen wij samenwerken met publieke en/of private aanbieders van oplaadpunten. Met deze partijen sluiten wij samenwerkingsovereenkomsten. Hierbij stellen wij zo min mogelijk kaders. Wij staan oplaadpunten van verschillende aanbieders toe.
E-rijders die kunnen parkeren op eigen terrein (zie module 6, definitie) komen niet in aanmerking voor een oplaadpunt in de openbare ruimte.
Bij het plaatsen van oplaadpunten in de openbare ruimte gaat het om de vraag hoe hiermee wordt omgegaan in samenhang met het straatbeeld en de beschikbaarheid van parkeerplaatsen. Zolang het nog gaat om enkele gevallen is er geen belemmering en is het bevorderen van het gebruik van duurzame mobiliteit het belangrijkste. Bij het kiezen van locaties voor oplaadpunten wordt wel rekening gehouden met parkeerdruk, loopafstanden (maximaal 300 m) en zoveel mogelijk gebruikers in de omgeving.