Artikel 11. Vergoeding kosten eigen vervoer en openbaar vervoer
Als toestemming is verleend door het college aan de ouder(s)/verzorger(s) om de leerling zelf te vervoeren, dan ontvangen ouders een bedrag op basis van een door het college vastgestelde kilometervergoeding voor de auto.
In het geval van openbaar vervoer wordt enkel de goedkoopste adequate vorm van openbaar vervoer vergoed. Leerlingen worden geacht gebruik te maken van een OV-chipkaart en het van toepassing zijnde maandelijkse Sterabonnement Noord-Nederland, tenzij gebruik van een ander abonnement of een andere wijze van betalen tot lagere kosten leidt. De aanschaf van een OV-chipkaart wordt niet vergoed.
Bij een toekenning lopende het schooljaar wordt een vergoeding voor eigen vervoer als bedoeld in het eerste lid en een vergoeding voor het openbaar vervoer als bedoeld in het tweede lid slechts toegekend voor de schooldagen waarop het college bekostiging voor het leerlingenvervoer verstrekt.
Het college verstrekt geen vergoeding voor openbaar vervoer als bedoeld in het tweede lid tijdens de schoolvakanties. De vergoeding van een maandelijks Sterabonnement Noord-Nederland is hiervan uitgezonderd zolang de leerling meer dan de helft van de maand gebruik maakt van dit abonnement in het kader van leerlingenvervoer.
Het college verstrekt een vergoeding voor openbaar vervoer in de eerste week van de betreffende maand en voor het eigen vervoer tweemaal per jaar achteraf. Op verzoek van de ouder(s)/verzorger(s) kan een vergoeding voor eigen vervoer meer dan tweemaal per jaar achteraf worden gedeclareerd met als maximum eenmaal per maand.
Een declaratieverzoek tot vergoeding eigen vervoer als bedoeld in het vijfde lid wordt ingediend:
uiterlijk 1 februari volgend op de eerste helft van het schooljaar als het een vergoeding voor de eerste helft van het schooljaar betreft;
uiterlijk 1 oktober volgend op de tweede helft van het schooljaar als het een vergoeding voor de tweede helft van het schooljaar betreft;
uiterlijk twee weken na het einde van de periode waar de vergoeding betrekking op heeft als op verzoek van de ouder(s)/verzorger(s) meer dan tweemaal per jaar achteraf wordt vergoed, behalve als deze periode geheel of gedeeltelijk in een vakantie valt. In dat geval dient het declaratieverzoek uiterlijk twee weken na het einde van deze vakantie te worden ingediend.
Bij het verzoek als bedoeld in het zesde lid wordt een verzuimoverzicht van school meegestuurd als bijlage.
De vergoeding wordt aangevraagd via het door het college beschikbaar gestelde declaratieformulier.
Artikel 10.
Redelijke fietsafstand Als tijdens de afhandeling van een aanvraag aan de orde komt of een leerling of een ouder/verzorger met leerling op de fiets naar school kan, geldt als redelijke fietsafstand enkele reis tussen woning en de school:leerling van 4 tot en met 8 jaar: maximaal 6 kilometer (leerling achterop bij ouder);leerling van 9 jaar: maximaal 7 kilometer;leerling van 10 jaar: maximaal 8 kilometer;leerling van 11 jaar: maximaal 9 kilometer;leerling van 12 jaar of ouder: maximaal 11 kilometer.De afstanden als genoemd in het eerste lid kunnen worden verdubbeld als gebruik wordt gemaakt van een e-bike, scooter, brommer of snorfiets.
Onderdeel van Beleidsregels bekostiging leerlingenvervoer gemeente Eemsdelta 2022