Naar hoofdinhoud

Beleidsregels bekostiging leerlingenvervoer gemeente Eemsdelta 2022

7 artikelen

Artikelen

  1. Art. 2.Co-ouderschap
  2. Art. 3.Enkeljarig of meerderjarig toekennen vervoersvoorziening aangepast vervoer
  3. Art. 4.Melden van wijzigingen Ouder(s)/verzorger(s) of de meerderjarige en handelingsbekwame leerling dienen de volgende wijzigingen als bedoeld in artikel 7, eerste lid van de verordening schriftelijk aan het college door te geven:de woning (in de zin van de verordening) van de leerling wijzigt;er is sprake van een (nieuw) co-ouderschap;de leerling bezoekt een andere school, al dan niet op hetzelfde adres als de voorgaande school;de leerling maakt gebruik van aangepast vervoer en is in staat om al dan niet zelfstandig gebruik te maken van het openbaar vervoer;de leerling zal voorzienbaar langer dan een week geen gebruik maken van het aangepast vervoer of van het openbaar vervoer;wanneer een meerderjarige vervoersvoorziening wordt afgegeven, dienen ouder(s)/verzorger(s)in elk geval vóór 1 juni bij het college aan te geven of er iets is gewijzigd in de adres-/schoolgegevens.Ouder(s)/verzorger(s) of de meerderjarige handelingsbekwame leerling geven de wijzigingen als bedoeld in het eerste lid uiterlijk binnen drie werkdagen door vanaf het moment dat zij redelijkerwijs op de hoogte kunnen zijn van de wijziging.
  4. Art. 10.Redelijke fietsafstand Als tijdens de afhandeling van een aanvraag aan de orde komt of een leerling of een ouder/verzorger met leerling op de fiets naar school kan, geldt als redelijke fietsafstand enkele reis tussen woning en de school:leerling van 4 tot en met 8 jaar: maximaal 6 kilometer (leerling achterop bij ouder);leerling van 9 jaar: maximaal 7 kilometer;leerling van 10 jaar: maximaal 8 kilometer;leerling van 11 jaar: maximaal 9 kilometer;leerling van 12 jaar of ouder: maximaal 11 kilometer.De afstanden als genoemd in het eerste lid kunnen worden verdubbeld als gebruik wordt gemaakt van een e-bike, scooter, brommer of snorfiets.
  5. Art. 13.Vergoeding loze ritten Er is sprake van een loze rit wanneer vervoerder op de afgesproken tijdkomt, echter de leerling is niet aanwezig, en/of de taxirit is zonder geldige reden niet of niet tijdig afgemeld bij de vervoerder.
  6. Art. 14.Ontzeggen van de toegang tot het vervoer Bij wangedrag van een leerling als bedoeld in artikel 7, vierde lid, aanhef en onderdeel d van de verordening, kan een leerling (tijdelijk) de toegang tot het aangepast vervoer ontzegd worden.Voordat overgegaan wordt tot een ontzegging, worden de volgende stappen ondernomen:indien er sprake is van meerdere klachten dan wel aanhoudende klachten maakt de vervoerder melding van de klachten bij het college. Het college start vervolgens een onderzoek;
  7. Art. 17.Slotbepalingen