Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 4.1

Next Economy-trends en betekenis voor A2-gemeenten

Onderdeel van Visie bedrijventerreinen A2-gemeenten

Ontwikkelingen en innovaties volgen elkaar in de hedendaagse markt in hoog tempo op. Door technologische ontwikkelingen (digitalisering, nieuwe productietechnieken) en maatschappelijke opgaven (klimaat, energie, circulair) herstructureren bedrijven hun (productie)processen en kiezen zij voor een andere vormen van samenwerking. Technologische vooruitgang zorgt voor een nieuwe dynamiek in de locatiekeuze en het gebruik van robots, digitale innovaties en de ‘internet of things’ leiden tot verhoogde productie, efficiëntie en flexibiliteit. Er wordt ook wel gesproken over de ‘vierde industriële revolutie’ (industrie 4.0). De oude verticale, hiërarchische economische structuur verandert steeds meer in een netwerkeconomie. Samenwerking, diversiteit en kennisuitwisseling zijn daarbij steeds belangrijker om innovatie te creëren. De ‘next economy’ is het gevolg van meerdere op elkaar passende ontwikkelingen, die op dit moment in de markt worden waargenomen. Hieronder beschrijven we prominente ontwikkelingen hierbinnen, die naar verwachting de grootste invloed op (de vraag naar) bedrijventerreinen gaan hebben: Duurzaamheid & energietransitie Circulaire economie Digitalisering: automatisering & robotisering, groei van smart industry & logistics E-commerce Verkleuring & toenemende druk vanuit de woningbouw Coronacrisis 1. Duurzaamheid en energietransitie Wat is het? Duurzaamheid en de energietransitie vormen één van de belangrijkste maatschappelijke opgaven. Doel is om fors te investeren in energiebesparing en schone, hernieuwbare energieopwekking en daarmee de uitstoot van CO2 (broeikasgassen) en andere vervuilende stoffen drastisch te verminderen. Bedrijventerreinen waren bij de energietransitie vooralsnog slecht in beeld. Recent is hierin verandering gekomen en wordt ook nadrukkelijker naar de kansen en mogelijkheden op bedrijventerreinen gekeken in bijvoorbeeld de RES-en. In de concept RES van Zuidoost-Brabant wordt bijvoorbeeld de opwek van zonne-energie op daken van bedrijven als expliciete ‘no-regret’ maatregel benoemd2 Tegelijkertijd vinden wij dat de bedrijventerreinen nog (sterk) onderbelicht zijn in de concept RES Zuidoost-Brabant als plek voor energiebesparing, duurzame opwek en opslag van groene energie. De concept RES is hier te vinden. Er ligt immers een flink potentieel: bedrijventerreinen huisvesten bovengemiddeld veel bedrijven met een hoog energie- en grondstoffenverbruik en afvalproductie. Zo komt ruim 70% van het energieverbruik in Nederland voor rekening van bedrijven. Bedrijventerreinen hebben daarbinnen een aandeel van ruim 30%. Dit betekent dat hier ook grote kansen liggen voor besparing en verduurzaming. Denk aan het reduceren van energie en grondstoffengebruik, maar ook duurzame opwek en opslag en uitwisseling van (rest)stromen, zoals materialen en warmte. Uiteraard hangen de potenties daarbij af van het type terrein en de samenstelling van de bedrijvigheid. Wat betekent het voor de A2-gemeenten? De bedrijventerreinen in de A2-gemeenten hebben een relatief hoog energieverbruik. Dat heeft te maken met de samenstelling van de bedrijvigheid. Er zijn veel industriële bedrijven in de metaalvervaardiging gevestigd, met name op Rondven in gemeente Cranendonck en Schaapsloop 1 in gemeente Valkenswaard. Hierdoor liggen er kansen om winst te behalen door energie te besparen en duurzaam energie op te wekken. Denk hierbij aan zonnepanelen of windmolens. Op Schaapsloop wordt er al werk gemaakt van de energietransitie, op de daken liggen al veel zonnepanelen of ze worden binnenkort gelegd. Dit als onderdeel van de samenwerking binnen de Coöperatie Energiecollectief Schaapsloop, dat er naar streeft om het bedrijventerrein in 2040 energieneutraal te krijgen. Ook uit de uitgevoerde NEER-scans in Cranendonck en Heeze-Leende bleken diverse mogelijkheden op de bedrijventerreinen. Op Airpark in Cranendonck kan bijvoorbeeld door op 5% van het totale dakoppervlak zonnepanelen te leggen ongeveer 30% van het energieverbruik op het terrein worden verduurzaamd. Gunstig is bovendien dat de netcapaciteit – op dit moment – geen knelpunt is in de regio voor verdere verduurzaming op de bedrijventerreinen. De bedrijventerreinen in de A2 regio hebben te maken met hittestress, de terreinen in Valkenswaard zijn het warmst. Hier kan het zomers wel 1,5C warmer zijn dan elders. Door terreinen te vergroenen kan de hitte stress terug gedrongen worden. Dit hoeft geen ruimte te kosten door groene daken te realiseren, die tegelijkertijd bijdragen aan een betere uitstraling en een aantrekkelijkere werkomgeving voor de werknemers. Daarnaast kunnen parkeerplaatsen met regenwaterinfiltratiemogelijkheden het overstromingsrisico bij piekbuien doen terugdringen. 2. Circulaire economie Wat is het? De circulaire economie gaat uit van een economisch systeem waarin de herbruikbaarheid van producten en grondstoffen wordt gemaximaliseerd en waardevernietiging (en afval) wordt verminderd. Denk o.a. aan het winnen van bouwmaterialen, afvalstoffen en schaarse metalen uit de stad (‘urban mining’) en het benutten van restwarmte of CO2 als energiebron om hiermee weer nieuwe producten te produceren. Voor bedrijven en (kennis)instellingen loont het bijvoorbeeld steeds meer om dicht bij elkaar te zitten en/of dicht bij de herkomst van grote reststromen en afnemers. Belangrijk: circulaire economie is geen op zichzelf staande sector. Circulariteit gaat door alle sectoren heen. Het is een andere vormgeving van het economisch systeem en het businessmodel binnen de bestaande sectoren. Uiteraard ontstaan binnen die sectoren wel (kansen voor) nieuwe bedrijven. Wat betekent het voor de A2-gemeenten? Wij zien dat een circulaire bedrijfsvoering ruimte behoeft. Bedrijven hebben letterlijk de ruimte nodig om materialen te scheiden en op te slaan. Meervoudig ruimtegebruik kan de extra ruimtevraag die door circulariteit ontstaat deels opvangen. Om bedrijven onderling van elkaars goederen- en reststromen gebruik te laten maken is het van belang dat bedrijven elkaar goed op de radar hebben. De onderlinge communicatie kan verbeterd worden door de organisatiegraad op het terrein te verhogen en te verbeteren. Denk daarnaast aan het – bijvoorbeeld via platform InduSym – inventariseren van wat bedrijven al doen op vlak van circulaire economie en het in kaart brengen van reststromen (vraag/aanbod) en mogelijke matches op de bedrijventerreinen. Uit de NEER-scans in Cranendonck en Heeze-Leende komen vooral de terreinen Breedvennen, Poortmannen, Meemortel en – in mindere mate – Airpark als (potentieel) kansrijk naar voren voor circulaire initiatieven. 3. Digitalisering: automatisering & robotisering, groei van smart industry & logistics Wat is het? In de productiesector en de logistiek zien we robots steeds meer (routine)werkzaamheden overnemen. Dit is nodig om de productie en toegevoegde waarde te kunnen blijven verhogen en om (internationaal) concurrerend te blijven. Inmiddels zijn er in Nederland 155 robots per 10.000 werknemers in de industrie, fors meer dan wereldwijd (74, bron: International Federation of Robotics). De jaarlijkse groei is zo’n 10%. Na de elektronische- en auto-industrie, gaat de robotisering nu vooral hard in de voedingsmiddelen- en chemische industrie. Ook in de logistieke sector wordt een sterke automatiserings- en robotiseringsslag verwacht, maar denk ook aan de bouwsector waar er een verschuiving plaatsvindt naar steeds meer prefab-productie. Dit alles leidt tot de verdere opkomst en groei van smart industry & smart logistics. Dit betreft de koppeling van automatisering en gegevensuitwisseling aan industriële productie en logistieke processen via slimme sensoren, big data, internet of things, automatisering/robots et cetera. Bestaande producten en processen worden hierdoor slimmer en efficiënter. Er ontstaan bovendien nieuwe producten, diensten en processen. Samenwerking tussen bedrijven in de (high tech) waardeketen wordt belangrijker om innovatief en concurrerend te blijven. Op locatieniveau leidt dit o.a. tot het delen van bedrijfsgebouwen, voorzieningen en faciliteiten. Wat betekent het voor de A2-gemeenten? De sectoren waar robotisering in populariteit toeneemt, zijn goed vertegenwoordigt in de A2gemeenten. Bijvoorbeeld bedrijven in de bouwnijverheid. Er zijn meer dan 70 bedrijven op de bedrijventerreinen die opereren in de bouwnijverheid, goed voor bijna 600 banen. Daarnaast is er Op Den Engelsman in gemeente Cranendonck een bedrijf in de chemische industrie gevestigd, hier werken circa 100 mensen. Daarnaast werken er meer dan 200 personen in de logistiek, bij 22 verschillende bedrijven. De meerderheid van deze bedrijven is gevestigd in de gemeente Valkenswaard. Ook uit de NEER-scans in Cranendonck en Heeze-Leende bleek dat robotisering de bedrijventerreinen raakt. Het hangt wel sterk af van het type (activiteiten op het) terrein. Op Airpark is bijvoorbeeld specifiek een robotbedrijf (IRS Robotics) gevestigd. We zien dat de robotisering vooral ook effect heeft op de werkgelegenheid. Zo is bedrijventerreinen als Meemortel en Rondven & Den Engelsman banenverlies zichtbaar in de industrie door automatisering/robotisering. Overigens zijn die banen niet weg, maar schuift de werkgelegenheid bijvoorbeeld op naar logistiek, onderhoud, dienstverlening en ICT. In Heeze-Leende speelt robotisering relatief het sterkst op De Poortmannen vanwege het sterke HTSM cluster op dit terrein. 4. E-commerce Wat is het? E-commerce is de verzamelnaam voor online handel, wat in de praktijk neerkomt op verkoop via webshops. In vergelijking met het verleden gaan veel goederen vaker door een distributiecentrum. 1x bij de producent/leverancier, 1x door het distributiecentrum van de retailer (zoals Bol.com, Wehkamp, of Zalando) en tot slot voor een substantieel deel nogmaals, omdat de e-commerce grote retourstromen kent. Dit terwijl voorheen een fysieke winkel bevoorraad werd vanuit het distributiecentrum van de leverancier (uitgezonderd grote retailers) en retournering vond plaats in de winkel zelf. Deze trend wordt nog versterkt omdat in e-commerce veel meer artikelen getoond worden en dus ook beleverd moeten worden. Wat betekent het voor de A2-gemeenten? Het valt op dat de strategische ligging van de drie gemeenten langs de A2 nog niet heeft gezorgd voor het vestigen van grootschalige distributiecentra. Met een blik op de logistieke ontwikkelingen in andere gebieden in Noord-Brabant is dit opmerkelijk, de A2-gemeenten lijken een witte vlek in de logistieke kaart. Een groei in de E-commerce zorgt niet alleen voor een impuls van de logistieksector, het kan ook zorgen voor een krimp in de detailhandelssector. Met name volumineuze detailhandel wordt vanuit praktisch overwegen vaak besteld via webshops, dit is het type detailhandel dat we vaak terug zien op bedrijventerreinen. 1. Verkleuring & toenemende druk vanuit de woningbouw Wat is het? De afgelopen jaren vindt een toenemende verkleuring van bedrijventerreinen plaats. Het gaat dan bijvoorbeeld om activiteiten binnen de detailhandels- en vrijetijdssector die steeds vaker op zoek zijn naar een (grootschalige) ruimte op relatief goed bereikbare locaties, bij voorkeur goedkoper dan de van oudsher populaire binnensteden of wijkcentra. Denk hierbij aan kringloopwinkels, dansscholen, kartcentra, indoor speeltuinen, maar ook vormen van persoonlijke dienstverlening zoals kappers, tandartsen, fysiotherapie en schoonheidssalons. Bedrijventerreinen zijn aantrekkelijke locaties voor dit soort functies, zeker als het wat grootschaliger is, vanwege de aanwezige ruimte en de relatief lage huisvestigingslasten. Voor sommige terreinen is dit een prima ontwikkeling, en geeft dit een nieuwe impuls. Maar het wordt problematisch als hierdoor onvoldoende ruimte blijft voor de ‘oorspronkelijke’ bedrijfsruimtegebruiker en deze bedrijven in hun functioneren belemmerd worden (verkeers- en parkeeroverlast, klagende buren of beperkingen in de milieugebruiksruimte). Daarnaast is een groei zichtbaar van (informele) werklocaties in woonwijken. Dit vooral door de toename van aantal zzp-ers en microbedrijfjes. We zien zit vooral in de ICT en zakelijke dienstverlening, maar bijvoorbeeld ook in sectoren als bouw, handel en reparatie, zorg en persoonlijke diensten. Wat betekent het voor de A2-gemeenten? Verkleuring speelt op diverse terreinen in de A2-gemeenten. Zoals hiervoor al gesteld is dit soms een prima ontwikkeling die een bedrijventerrein nieuw elan geven. Maar veel vaker is het een ontwikkeling die ongewenste effecten geeft. Opgave voor de gemeenten is vooral om duidelijk beleid hierop te voeren: waar kan verkleuring en onder welke voorwaarden, waar zeker niet. 3 Deze vervangingsvraag zit niet in de behoefteraming van de provincie. Die kijkt alleen naar de uitbreidingvraag. De methodiek gaat er daarbij vanuit dat alle bedrijventerreinen naar de toekomst in gebruik blijven. Wanneer sprake is van transformatie is dat natuurlijk niet zo en zal deze onttrokken ruimte dus gecompenseerd moeten worden. De noodzaak tot compensatie hangt daarbij mede af van de leegstandssituatie in de regio en de mate waarin het te onttrekken terrein nog in gebruik is.

Rechtspraak bij dit artikel